WERELD & DENKEN
 
 

Bronnen bij Hoofddoeken

 

Onderstaand een aantal artikelen uit de hoofddoekendiscussie, zoals gevoerd in 2005 - plus wat vervolg:


De Volkskrant, 11-02-2005, van verslaggever Ron Meerhof

Hoofddoek af - 'dat is pas pure vrijheid'

Rotterdamse moslimvrouwen met hoofddoek! Zou u hem willen afdoen en pas weer willen opzetten als de wereld, maar in elk geval Rotterdam ervan overtuigd is dat een hoofddoek een vrije keus is? Was getekend: Marianne van den Anker.
    De wethouder voor Leefbaar Rotterdam presenteerde donderdag een essay over de islam, onder de titel Geloof is (g)een privézaak. In krap twintig pagina's zet ze daarin haar gedachten uiteen over de gevaren en de problemen rond de islam. Ze baseert zich daarbij naar eigen zeggen op politierapporten, gesprekken met tal van islamitische organisaties en eigen onderzoek op internet.
    Het beeld dat ze daaruit destilleert, is alarmerend; discriminatie van 'homo's en lesbo's', vrouwen die na een bevalling zo ver weer zijn dichtgenaaid 'dat je je afvraagt hoe de bevruchting überhaupt heeft plaatsgevonden', jongens die niet-moslima's beschouwen als hoeren, eerwraak, loverboys en wat dies meer zij.
    Die problemen worden onvoldoende 'benoemd', stelt Van den Anker. Door dat wel te doen, wordt 'de kans op een oplossing groter'.
    In haar gesprekken met moslims zegt Van den Anker te zijn gestuit op cirkelredeneringen. Met name op het punt van de hoofddoekjes worden vrouwen naar haar mening vaak 'onzichtbaar in het gareel gehouden'. Vrouwen zeggen wel dat de hoofddoek een vrije keuze is, maar tegelijkertijd zeggen ze door het dragen ervan de kans te hebben te emanciperen.
    Dat betekent dus, constateert de wethouder in haar essay, dat ze zonder hoofddoek niet naar de universiteit mogen, niet mogen uitgaan of andere mannen mogen ontmoeten.
    'En dat is dus onderdrukking', aldus Van den Anker. 'Het gaat niet om een stukje stof, het gaat over opvattingen van moslims over hoe vrouwen moeten leven om een goede vrouw te zijn en respect te verdienen. Impliciet geeft dit aan dat anderen mogen worden lastiggevallen en hun lichamelijke integriteit mag worden geschonden.
 

De Volkskrant, 24-02-2005, artikel van Ron Meerhof

De Fatima-look

Het hoofddoekje is een onderwerp met potentie, vooral voor rechtse politici. Maar nu wil ook de Rotterdamse PvdA-bestuurder Schrijer helderheid over wat wel en niet kan. Met de beste bedoelingen.

Tussentitel: `Veel meiden laten bij het solliciteren de hoofddoek thuis'

Zolang het gezicht maar te zíen is, zijn ambtenaren met hoofddoekjes geen probleem in Rotterdam. Het college zegt het en de overgrote meerderheid van de gemeenteraad zegt het.
    Leefbaar Rotterdam probeerde er begin 2004 een politiek item van te maken. Raadslid Barry Madlener stelde twee moties op: een voor het verbod op het dragen van 'religieuze uitingen' voor ambtenaren, en eenzelfde motie voor het onderwijs. 'Ik heb ze uiteindelijk niet eens ingediend', zegt Madlener. 'Al in de commissie was de tegenstand zó fel. De zaal zat stampvol. Het was heel emotioneel, iedereen zat te joelen. Het was wel duidelijk dat we geen schijn van kans maakten.'
    Voor eens en voor altijd afgeserveerd, concludeerden de overige partijen tevreden. Hier ligt de grens. Maar dat is eerder gebeurd, in Rotterdam. Preventief fouilleren, spreiding van kansarmen, inkomenseisen voor nieuwkomers, dubbele wachtlijsten voor allochtone en autochtone leerlingen, vrijstelling van belastingen in arme wijken: het kon allemaal niet, maar het gebeurde toch.
    Het hoofddoekje is een onderwerp met potentie. Politici kunnen afwijzen wat ze willen, maar opinieonderzoeken naar de kwestie wijzen uit dat een substantieel deel van de Nederlandse kiezers, mogelijk zelfs de helft tot driekwart, wel degelijk iets voelt voor een verbod op het dragen ervan. En dat is een steun in de rug voor andersdenkende politici.
    ... Wim van Sluis, ook Leefbaar Rotterdam, stelde vorige week in een commissievergadering dat moslimmeisjes die meer kans willen maken op de arbeidsmarkt, hun hoofddoek maar moeten afzetten.
    'Discriminatie!' Het woord knalde als een zweep door de raadszaal. Maar een dag later was de opwinding over Van Sluis' uitlating verstomd. Er was nieuw nieuws: het bestuur van de deelgemeente Charlois had een brief naar het stadsbestuur gezonden waarin wordt gevraagd om regels voor hoofddoekjes. Niemand wist op dat moment nog wat precies in de brief stond.
    Maar interessant is het wel. Charlois - dat is niet de eerste de beste deelgemeente. Het is het sociaal laboratorium van de nieuwe PvdA van Wouter Bos. Bestuurder Dominic Schrijer is de belichaming van een nieuwe, realistischer sociaal-democratische politiek. Hij was het die een ander plan van Leefbaar Rotterdam, spreiding van kansarmen, nieuw leven inblies. Zou dat weer gebeuren?
    De eerste reacties waren gemengd. Leefbaar Rotterdam opgetogen, het Rotterdams Dagblad geïnteresseerd. ...
    De gemeenteraadsfractie van de PvdA greep de passage aan om Schrijer en de zijnen de oren te wassen. Het CDA ging er joelend overheen. Het deelgemeentebestuur betuigde spijt over de brief en de 'misverstanden'. Hun visie: de pers had er verkeerde zinnen uitgelicht, er waren misverstanden ontstaan, en dus verkeerde beelden, en toen ging de discussie alleen nog maar over dat 'verkeerde beeld'.
    Maar wat wil het deelgemeentebestuur van Charlois nou wél? 'Wij zijn niet tegen het dragen van een hoofddoek, ook niet door ambtenaren in baliefuncties', zegt Schrijer. Het is vroeg in de ochtend en hij zit in vrijetijdstrui op zijn kantoor. Hij heeft vrij en moet eigenlijk met zijn gezin naar Zeeland. Maar eerst moet de boodschap rechtgezet. Daarvoor stelt hij zijn vakantie graag een paar uur uit.
    'We willen richtlijnen', zegt Schrijer. 'Er zijn steeds meer vrouwen die gezichts- en hoofdbedekkingen willen of moeten dragen. En de vormen worden steeds zwaarder. We willen helderheid over wat wel en niet kan.'
    Tot dusver rommelt Charlois maar wat aan. Zo was er het geval van een jonge moslimvrouw die zich verloofde, daarna ziek werd en aan het kwakkelen sloeg. Ze begon te twijfelen aan zichzelf. Was ze wel een goede moslim? Moest ze toch geen hoofddoek dragen?
    'Wij kregen het gevoel dat ze dat eigenlijk niet wilde. Wij hebben toen gezegd: liever niet. Zodat ze thuis kon zeggen dat het niet mag van de baas. Paternalistisch, ja. Maar met de beste bedoelingen.'
    Ander geval: een jonge vrouw draagt bij haar sollicitatie naar een stageplaats geen hoofddoek. Ze wordt aangenomen en verschijnt op een gegeven moment met een hoofddoek. `Zo'n modieuze: een bandana van een meter bij een meter die de haarlijn volgt. Toen hebben we haar gevraagd of het toeval was dat ze die doek bij haar sollicitatie' niet op had. Dat was het niet, zei ze. Ze was bang dat ze niet zou worden aangenomen. Ze zei verder dat heel veel meiden in zulke gevallen de hoofddoek thuis laten.
     `Terwijl juist zo'n hoofddoek wat ons betreft helemaal geen probleem is. Oók niet als ze achter de balie zou werken.'
    Schrijer zegt dat de overheid nooit helemaal neutraal kan zijn. `Ambtenaren mogen best een afspiegeling van de samenleving vormen. Zo'n hoofddoek zouden we daarom ook veel liever expliciet opgenomen zien in regels: bandana mag. Dan weten die vrouwen waar ze aan toe zijn, en wij ook.'   ...
    Daarmee belandt hij wel bij een 'derde geval': een jonge vrouw, geëmancipeerd, hoogopgeleid en Westers georiënteerd, die zich steeds meer op haar geloof richt. 'Voorzover wij kunnen zien, doet ze dat echt uit eigen overtuiging. Ze besluit dat ze een traditionele hoofddoek wil gaan dragen: voorhoofd, oren en hals bedekt; zo een die alleen ogen wenkbrauwen, neus en kin zichtbaar laat.'
    Dat gaat te ver, vindt hij. 'Over andere kledingkenmerken spreken we elkaar aan. Wie te bloot is, krijgt dat ook te horen van collega's. Die maatschappelijke beweging, een reactie op de seksuele revolutie, is al jaren geleden ingezet. Maar zodra het gaat over religieuze uitingen, krijg je te horen dat je discrimineert. Je mag het er niet over hebben. Maar wij willen het er wel over hebben. We willen er juist niet over praten in termen van zwart-wit.' ...
    Er waren volgens de Rotterdamse PvdA'er meer misverstanden 'Deelraadsvoorzitter Lockhorst sprak op televisie over hoofdbedekking die ook nog voorhoofd oren en hals bedekt. Wat overblijft heeft de vorm van een eitje, zei Lockhorst. Hij deed het nog voor. Er zijn hier ambtenaren die zeker weten dat Lockhorst gesluierde moslima's eitjes heeft genoemd Tja, zo gaat dat dan, als de toon eenmaal is gezet.'
    De reacties van partijgenoten waren hard. ...
    `Verder vormen hoofddoekjes een beladen onderwerp. Bedenkingen ertegen worden geassocieerd met extreem-rechts. Daarom willen anderen zich er maar liever helemaal niet aan branden. Maar de orthodox-religieuze kledij rukt op, en daarmee ook de vragen en de uitdagingen. Juist in een deelgemeente als de onze.'
    Schrijer onderscheidt drie tendensen. 'Allereerst vrouwen die zelf kiezen. Dan de vrouwen die gewoon het huis niet uit mogen als ze geen hoofddoek opzetten. En dan degenen die subtieler de groepsdruk voelen: je mág wel zonder hoofddoek naar buiten, maar dan ben je een hoer.
    'In die laatste groep zit de worsteling van links. Die groep zou je misschien kunnen helpen door ze de mogelijkheid te geven te zeggen dat het van ons niet mag. Daar móeten we het over hebben.'


Tussenstuk (door Robin Uitham):
Hoe een verbod de verdraagzaamheid kan bevorderen

Op Franse openbare scholen mogen moslimmeisjes sinds vorig schooljaar geen hoofddoekje meer dragen in de klas. Ook andere 'ostentatieve religieuze' tekens als het keppeltje of een groot kruis zijn in Frankrijk verboden in het openbaar onderwijs.
    Het debat over de hoofddoekjes woedde er al sinds de jaren tachtig. Geregeld deden zich conflicten voor op scholen. Een aantal meisjes moest van school. In de zomer van 2003 stelde president Chirac de commissie-Stasi in, die een oordeel over een mogelijk verbod moest vellen. Scholen behoren neutraal te staan tegenover religie, bepaalde de commissie. Een verbod lijkt voort te komen uit intolerantie, maar Stasi bepleitte het tegenovergestelde: verdraagzaamheid kan toenemen als leerlingen zelf hun mening kunnen vormen. Bovendien moet de wet meisjes die worden gedwongen een hoofddoek te dragen, steun bieden.
    De invoering van de wet leidde tot onrust. Ook in Nederland waren er conflicten, vooral in het onderwijs, al ging het daar over het dragen van de gezichtsbedekkende sluier. Het Regionaal opleidingscentrum (ROC) in Amsterdam besloot zomer 2003 na veel wikken en wegen tot een verbod op het dragen van de gezichtssluier: de chador of niqaab. Vier leerlingen droegen deze lange, donkere gewaden, die alleen de ogen onbedekt laten. Volgens de Commissie Gelijke Behandeling is het verbod niet in strijd met de wet. De commissie vond een goede communicatie in de klas belangrijker dan het recht een sluier te dragen. Ook de de middelbare scholen in Amsterdam voerden zo'n verbod in.
    Het dragen van gewone hoofddoekjes was geen punt van discussie op het ROC. Bij de rechtbank in Zwolle wel. Daar werd een moslima niet aangenomen als hulpgriffier omdat ze een hoofddoek droeg. De Commissie Gelijke Behandeling gaf haar in 2001 gelijk, maar toenmalig minister Korthals van Justitie lapte dit aan zijn laars: rechters, officieren van justitie en griffiers van de rechtbank mogen geen hoofddoek op, vond hij. Wel bestelde het ministerie vorig jaar zelf speciaal ontworpen 'veilige hoofddoekjes' voor islamitische vrouwelijke cipiers.


Red.:   Laten we eerst even de kwestie van de betekenis van de hoofddoek afhandelen. "Het is maar een gewoonte, en geen religieus symbool" is een veelgehoorde verdediging - waarin je in plaats van "gewoonte" ook "cultuur" en "mode" kan invullen.
   Is dat zo?:
 

De Volkskrant, 02-04-2005, ingezonden brief van W. Gillot (Baarn)

Hoofddoek

Ik heb altijd begrepen dat moslimvrouwen een hoofddoek gedragen omdat ze anders bij mannen 'niet al te nette' gedachten zouden kunnen oproepen.
    Maar waarom lopen zoveel heel jonge meisjes, soms kleuters nog, al niet een hoofddoek. zoals op de foto van de basisschool in Enschede (Forum, 24 maart). Brengen zij jongens of mannen ook al op ongewenste gedachten? Of moeten ze vast wennen? Dat ze het zelf willen. kan ik bijna niet geloven. En hoe wordt het haar als het aldoor bedekt is niet strakke hoofddoeken? Deze vragen houden mij bezig.


De Volkskrant, 09-04-2005, ingezonden brief van Abdul Haq Compier (Amstelveen)

Hoofddoek

Volgens W. Gilliot dragen moslimvrouwen een hoofddoek omdat ze anders bij mannen 'niet al te nette' gedachten zouden kunnen oproepen. Ze vraagt zich af of kleuters een hoofddoek vragen om dezelfde reden.
    Om te beginnen is dit een te beperkte visie op de islamitische klederdracht. De betekenis van de hoofddoek wordt beter weergeven in de volgende anekdote uit het leven van Mohammed. Een blinde bezocht zijn huis. Mohammed zei tot zijn vrouwen: 'Sluiert u voor hem.' Zijn vrouwen zeiden: 'Maar hij is blind, en hij ziet ons niet.' Waarop Mohammed zei: 'Maar zijn jullie blind, en zien jullie hem niet?'
    Hij bedoelt dat de hoofddoek een uiterlijke betekenis heeft, maar ons, mannen en vrouwen, ook herinnert aan de kuisheid van het hart. Of kleuters daarom een hoofddoek dragen? Nee, natuurlijk niet. Kinderen imiteren hun ouders. Zoals ze ook graag lippenstift of mascara opdoen.


Red.:   Dat is ook precies een van de redenen dat het dragen van een hoofddoek provocerend is: het is teken van overtuiging van zuiverheid van de eigen ziel. Dat wil zeggen dat men zich afzet tegen niet-hoofddoek-dragers, die dus mensen zijn met minder zuivere ziel. Voor alle duidelijkheid: dit geldt voor iedere vorm van ostentatief religieuze symbolen.


Uit: De Volkskrant, 30-08-2005, rubriek Geboren en getogen, door Broer Scholtens

Hoofddoek? Dan praten we harder

Diverse nationaliteiten, hier geboren en getogen, over het leven in Nederland anno 2005

Ze voelt zich soms de winkel uit gekeken. Mensen kijken naar haar hoofddoekje en blijkbaar niet naar haar persoon. Ze vindt dat 'vervelend' als eufemisme voor boosheid en onbegrip.
'Ga toch terug naar je eigen land', is haar wel eens toegebeten.
    Miriam ait Abderrahaman (29) is geboren in de kop van Noord-Holland en opgegroeid in Woudenberg. Ze is getrouwd met een Marokkaanse man en ze is de dochter van een Tunesische vader en een Nederlandse moeder; een vakantieliefde was het.   ...
    Ze heeft een dochtertje van 5. Thuis spreken ze Marokkaans. Nederlands leert haar kind op school, bij het spelen. 'Je geeft je kind zo een cadeautje mee, je geeft ze het beste van twee werelden.' Dat heeft ze zelf gemist, het begrijpen van nuances in de taal, het kunnen praten met oma.
    Sinds vier jaar draagt ze een hoofddoekje. 'Ik voel me daar prettig bij, het helpt me in mijn geloof.' Ze is geschrokken van de reacties. Niet op haar werk, maar in winkels, op straat. Mensen praten harder tegen haar. Ze gaan ervan uit dat een buitenlandse het niet zal begrijpen. 'Ik had dat niet verwacht. Je wordt benaderd als een vertegenwoordiger van een groep. Maar ik spreek voor mezelf, niet voor andere moslims.'
    'De Nederlandse samenleving heeft blijkbaar zitten slapen, er zijn inmiddels heel wat mensen, hier geboren en getogen, die een ander geloof of afkomst hebben en die zich toch Nederlander voelen. Dat is een feit. De Nederlandse samenleving schept afstand wanneer mensen alleen tolereren en niet accepteren.'
    Maar ze is een positief ingesteld persoon, ze ziet niet alleen negatieven punten. 'Er zijn ook mensen die toenadering zoeken. Zij staan wel open voor mijn keuzes.'


Red.:   Een aantal opmerkelijke zaken: het hoofddoekje dragen stamt van vier jaar geleden. Daarvoor werd geen hoofddoek gedragen. Belangrijke vragen zijn: waarom eerst wel, en daarna niet? Wat is hier veranderd? Kennelijk waren er factoren die het dragen eerst tegenhielden, en zijn de balans van factoren verandert. Dat is dus niet de veranderde houding tegenover moslims na de moord op Fortuyn of die op Van Gogh, want het gaan dragen stamt van daarvoor. Het is de indruk van de redactie dat die vier à vijf jaar terug ook op landelijke schaal het omslagpunt was van het hoofddoek-dragen en andere vormen van moslim-assertiviteit.
    Het tweede opmerkelijke: het dragen van de hoofddoek wordt bevestigd als een religieuze uiting. Net als door Compier eerder. Dit bevestigt, ondanks regelmatige uitspraken door moslimvrouwen van het tegendeel, het dragen van een hoofddoek een religieus symbool is.
   Derde opmerkelijke zaak: het onbegrip over de reacties op een afwijkend symbool: dragers van hanekammen krijgen ook een standaardreactie. Het afwijkende symbool zegt: ik wil er niet of slechts deels bij horen, en men krijgt reacties van de omgeving op die boodschap, en die zullen dus niet altijd positief zijn: het er niet bij willen horen wordt in iedere sociale gemeenschap met gemengde gevoelens ontvangen, afhankelijk de de sterkte van het signaal.
    Vierde opmerkelijke zaak: het gebrekkige besef van de eigen achterban: relatief zeer veel van de hoofddoekdragers spreken slecht Nederlands. De associatie is dan hoe vervelend ook, natuurlijk, net als die tussen rolstoelzitters en doofheid of domheid (mensen gaat ook hard praten tegen rolstoelzitters).
    Ten vijfde: we hebben het hier niet over een gewoon hoofddoekje, maar over een extremere vorm van bedekking, zie de foto die een illustratie is bij het artikel. Wat hier gegeven commentaar, toegesneden op een gewone  hoofddoek, geldt dus in versterkte mate.


Red.:   Er staan dus een paar dingen vast: de hoofddoek is een religieus symbool, en hij geeft een hoop gezeur voor iedereen. Het is symbool dat wij-zij denken bevordert: "Ik hoor bij dezelfde club als jij", en maatschappelijke wrijvingen en scheuringen veroorzaakt.
    De wij-zij functie van het benadrukken van tot een bepaalde groep met onderlinge sympathieën te behoren, veroorzaakt onmiddellijk problemen als je in de maatschappij komt, zoals onderzoek laat zien:


Leids universiteitsblad Mare, 28-09-2006.

Oneerlijk

Wanneer een rechter laat merken dat hij betrokkenen kent, ervaren omstanders rechtszaak als oneerlijk. Hierover publiceren een aantal Nederlandse onderzoekers, waaronder de Leidse psycholoog Henk Wilke, deze maand in het Journal of Experimental Social Psychology.
    De psychologen onderzochten twee groepen proefpersonen bij een nagebootste rechtszaak. In de eerste groep behandelde de rechter iedereen gelijk, maar bij de andere groep liet hij merken dat hij een of meerdere betrokkenen kende. In beide rechtszaken volgde de rechter dezelfde procedure en waren de uitspraken gelijk. Toch ervoeren de testpersonen in de tweede groep de uitspraak als onbetrouwbaarder dan die bij de zaak waar je rechter zich neutraal opstelde. Soortgelijk onderzoek is in Amerika al eens gedaan, maar dan met nog een derde groep proefpersonen. Zij mochten niet bij de rechtszaak aanwezig zijn, maar kregen achteraf te horen hoe de rechter de betrokkenen behandel de. Bij hen was het gevoel dat een informele rechter onbetrouwbaar is zelfs nog sterker.
 

Red.:   Waar het dus om gaat is dat mensen niet alleen naar een objectieve rechtspraak kijken, maar vooral ook naar dat aan de tekenen van uiterlijke objectiviteit wordt voldaan. Het bovenstaande is een vorm van persoonlijke binding. Maar precies hetzelfde geldt natuurlijk voor groepsbinding. Een hoofddoek, en ieder ander religieus symbool. kan niet, omdat de hoofddoekdrager bij betrokkenheid in een proces met een andere hoofddoekdrager, altijd hetzelfde zal oproepen als de rechter die een van de betrokkenen in het proces lijkt te kennen.
    Wat voor de rechtspraak geldt, geldt natuurlijk voor de hele overheid. twee mesen staan in de rij voor een huis - de een met hoofddoek, en de ander zonder - de juf achter de balie draagt een hoofddoek. De juf achter de balie met hoofddoek geeft het huis aan de persoon voor de balie met de hoofddoek. Dan is er dus hetzelfde proleem als beschreven in bovenstaande onderzoek. Alleen al de schijn is voldoende om te spreken van een schending van de rechtspraak, van de sociale eerlijkheid -een schending van het maatschappelijke vertrouwen.
    Als je dus uitgaat van het principe dat de overheid neutraal moet zijn, en dat zelfs de schijn van bevoordeling vermeden moet worden, en geen gezeur wilt of het aantal centimeters stof, dan is er maar één enkele oplossing: een totaal verbod van alle religieuze uitingen bij de overheid en door de overheid bestuurde of gefinancierde instellingen, dus zeker in het onderwijs - alle onderwijs. Alle tegenwerpingen dat dit discriminatie is, zijn onzinnig: het dragen van religieuze onderscheidingen is discriminatie, zoals alle voorbeelden hebben laten zien.
    Een voorbeeld van hoe het in de praktijk aangepakt dient te worden:


Leids universiteitsblad Mare, 06-10-2005.

Uitgezet

De Hongaarse promovendus Alfa-informatica Tamás Biró is het café De Drie Gezusters in Groningen uitgezet wegens het dragen van een hoofddeksel. Bij de voordeur verzocht de portier Biró zijn pet af te doen. Dat deed hij, maar eenmaal binnen zette Biró de pet weer op want hij bedekt zijn hoofd vanwege zijn joodse geloof tijdens het eten, drinken of studeren. De portier zette hem vervolgens met dwang op straat. Directeur van de Drie Gezusters, Martin Talens, verwijst naar de huisregel dat geen enkel hoofddeksel wordt toegestaan. 'De reden daarvoor is dat bezoekers herkenbaar moeten blijven voor de bewakingscamera's. We kunnen geen uitzondering maken voor iemands geloof, daar is geen beginnen aan.'


Red.:   Zo simpel kan het dus geformuleerd worden.
   Het kan zelfs ook op het vlak van maatschappelijke zindelijkheid geformuleerd worden. Wie geloof uit, geeft uiting aan geestelijke intimiteit - en hoe ver die intimiteit gaat is ook oven te lezen uit de mond van religieuzen. Geestelijk intimiteit bevindt zich dus op hetzelfde vlak als seksuele intimiteit: iets van het eigen individu, waar je een andere individu niet mee lastig mag vallen. Openbare seksuele uitingen zijn zelfs verboden - er is dus geen enkel reden om ook niet openbare religieuze uitingen te verbieden. Voor het uiten van dit soort intimiteit geldt doet dat maar in de privésfeer, net als dat voor seksuele intimiteit.
    En voor wie het toch doet, geldt het volgende:


De Volkskrant, 05-03-2005, in gezonden brief van Henny Jellema (Haarlem)

Hoofddoekjesgroep

Ik word er zo moe van dagelijks in de krant te moeten lezen, dat ik in iedere moslim in de eerste plaats een persoon moet zien, en dat niet alle moslims eng zijn. Maar luister, als ik de wereld niet meer in groepen mag indelen, raak ik toch echt de weg kwijt. Iedereen classificeert en discrimineert de wereld om zich heen, al was het maar omdat ogen en oren dat van nature doen. Ik deel dagelijks mijn omgeving in: jongens zijn geen meisjes, koeien onderscheiden zich van schapen en tractoren mogen op de weg minder dan auto's. Zo houdt een verstandig mens de boel uit elkaar.
    Als je vindt dat jij verkeerd bent ingedeeld, dan kun je daar wat aan doen. Als een boer met mest aan zijn klompen niet gezien wil worden als een agrariër moet hij een streepjespak aantrekken en gepoetste schoenen. Als ik een moslimhoofddoekje zie, dan zie ik iemand van een hoofddoekjesgroep. Als die persoon dat niet wil, moet zij dat doekje af doen. Sommige kenmerken, zoals je huidskleur, kun je niet zelf kiezen. Je kiest ook je eigen ouders niet. Maar mensen kunnen wel kiezen voor hun kleding, gedrag en geloof. Ik snap dan ook niet waarom wij moslims niet op het gedrag van de groep mogen aanspreken.
    Steeds die oproep om niet alle moslims over één kam te scheren. Mijn idee is dat juist wel te doen. Een groep is een groep en als je daar vrijwillig voor kiest, ben je trots daar bij te horen. Als iemand van jouw groep iemand vermoordt, komt het misschien even wat slechter uit om lid te zijn van die groep, maar het is hypocriet om alleen in die situaties een beroep te doen op discriminatie naar individu.


Red.:   Samengevat: "Dikke bult, eigen schuld". Wie zichzelf stigmatiseert als lid van ene bepaalde groep, moet niet zeuren als hij/zij als lid van die groep wordt aangesproken.
    Nu weer zo'n grappig geval van "in een andere context weet men het wel":


Uit: De Volkskrant, 20-12-2008, door van onze correspondent

Duurzaam reizen: vergeet hoofddoekje niet

... Onder de noemer 'duurzaam toerisme' moeten reizigers de laatste jaren vooral de lokale economie in hun vakantieland stimuleren ...
    Onder dit motto wordt tijdens de Vakantiebeurs (14-18 januari) een nieuwe website gelanceerd. ... Mariken Stolk van Milieu Centraal legt uit: 'Op de website kies je de soort vakantie die je wilt gaan houden, bijvoorbeeld een zonvakantie of een rondreis. Per continent hebben wij vervolgens een aantal tips verzameld.'
    Daarbij moeten reizigers denken aan adviezen als 'gooi je sigaretten-peuken niet zomaar weg in de natuur', 'blijf op de paden tijdens een wandelroute' of 'kies voor een type vliegtuig (een chartervlucht bijvoorbeeld) dat zo goed als gegarandeerd vol zit. Dat bespaart weer brandstof'. Maar ook: 'Denk aan een hoofddoekje als je gaat reizen in een moslim land', of aan 'bedekkende kleding in bepaalde delen van Azië'.
    Het lijken open deuren, geeft Stolk toe. ...


Red.:   Tja, het is inderdaad een open deur. Net zo goed als het een open deur is als je zegt: "Ga je emigreren naar een niet-hoofddoekjes land, vergeet dan niet je hoofddoekje af te leggen" ...
    Een buitenlands geval:


Uit: De Volkskrant 26-06-2009, van correspondent Marc Peeperkorn

Koninklijk Atheneum in Antwerpen verbiedt hoofddoeken

Moslims woest op school

‘Geen hoofddoek, geen leerlingen!’ stond woensdag op het spandoek aan de gevel van het Koninklijk Atheneum in Antwerpen. Als dit dreigement door de moslimscholieren wordt waargemaakt, zit het ‘KA’ in grote problemen. 80 procent van de kinderen is moslim, de helft van de meisjes draagt een hoofddoek.
    Maandag presenteerde directrice Karin Heremans het verbod op het dragen van een hoofddoek of andere politieke en religieuze symbolen. Scholen zijn bevoegd zo’n verbod uit te vaardigen. Ze deed dit netjes na de examens (‘het zou de leerlingen kunnen afleiden’) en na de regionale verkiezingen – ‘anders maken politici er een issue van’. De protesten zijn niettemin fel. Gangmaker is Nordine Taouil, een vastberaden imam uit Antwerpen. ‘Wij laten ons niet onderdrukken.’
    Volgens Heremans had ze geen keus. Het KA Antwerpen is langzamerhand de enige school in Antwerpen waar hoofddoekjes nog zijn toegestaan. ‘De afgelopen vijf jaar is het aantal moslimkinderen bij ons verdubbeld. We worden een moslimschool.’
    Heremans zegt dat kinderen zonder hoofddoek bij haar aankloppen voor een andere klas. ‘Omdat ze zich niet meer thuis voelen.’ Ook zou de sociale druk op moslima’s om hun hoofd te bedekken groot zijn. Heremans: ‘Dan moet je maatregelen nemen.’
    Woensdagavond zag de directrice zich geconfronteerd met vijfhonderd boze leerlingen, ouders en vertegenwoordigers van moslimorganisaties. Die eisten intrekking van het verbod. Zo niet, dan verlaten ze deze zomer massaal het atheneum.
    Imam Taouil schiet met scherp op wat hij ‘georganiseerde discriminatie’ noemt. ‘Godsdienstvrijheid is een universeel recht. De hoofddoek is geen symbool, maar deel van de identiteit van de meisjes.’ ... .’ De imam kondigt nieuwe protesten aan als de school niet op haar schreden terugkeert.
    Heremans is dat niet van plan. ‘Er ook nog zoiets als de vrije keuze voor meisjes.’ De directrice is teleurgesteld in de houding van de verontwaardigde moslims. ‘Wij hebben als school zo veel extra lessen gegeven voor de allochtone leerlingen. Als je dan één keer wat terug vraagt en je krijgt zo’n antwoord, is dat pijnlijk.’ ...
    De directrice is niet onder de indruk van het dreigement van driehonderd leerlingen de school te verlaten. ‘Waar moeten ze heen? Er is geen andere school in Antwerpen die de hoofddoek wel toelaat.’
    Volgens imam Taouil zijn er ‘101 oplossingen’. ‘België kent een leerplicht, geen schoolplicht. Desnoods stichten we eigen opleidingen. Of nodigen we de leerkrachten bij de kinderen thuis uit.’


Red.:   Dit gaf aanleiding tot een zeer autoritatief weerwoord, dat nauwelijks te verbeteren lijkt:


Uit: De Morgen (België), 03-07-2009, door Rik Pinxten en Björn Siffer
 

Rik Pinxten, professor antropologie aan de Universiteit Gent en voorzitter van de Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging (HVV), en Björn Siffer, woordvoerder en adjunct-directeur van HVV, verdedigen de beslissing van de koninklijke athenea van Antwerpen en Hoboken.

Hoofddoekverbod is niet het einde van de wereld

In de meeste Antwerpse scholen geldt een hoofddekselverbod. Iedereen wordt gevraagd dit te respecteren. Waarom zou voor moslims dan een uitzondering moeten gemaakt worden? Omdat het over godsdienst gaat? Heeft godsdienst dan zo¿n verheven statuut dat het boven algemene regels staat?

Is de hoofddoek een godsdienstig symbool of niet? Wij vermoeden van wel, gezien de hevige tegenstand van moslims. Is een hoofddoek nu verplicht of niet in de islam? Eigenlijk willen we het daar niet over hebben, want dit is een geloofskwestie en we geloven niet. We beweren wel iets te weten over het begrip 'identiteit'. Hoe definieer je identiteit? We vergeten te vaak dat onze afstamming gemengd is en we verkiezen ons in te beelden dat we een vaste en zekere identiteit bezitten, omschreven en bepaald door de bodem, of door de godsdienst, of door de volksgroep of door de natie.
    Nochtans is een identiteit vooral meerlagig. Een mens kan afkomstig zijn uit een bepaalde streek, een bepaalde politieke overtuiging hebben of een bepaalde levensbeschouwing aanhangen. De Frans-Libanese auteur Amin Maalouf schreef er een interessant essay over: Les identités meurtrières. Als je één aspect uit je identiteit licht en je je enkel daar mee vereenzelvigt, dan word je afhankelijk van dat ene aspect en ben je ook snel geraakt als men je aanvalt op dat aspect. Het is algemeen bekend dat nogal wat migranten een identiteitscrisis doormaken. Ze beseffen dat hun afkomst of die van hun (voor)ouders elders ligt, ze zijn vaak de taal onvoldoende machtig en ze zien er ook wat anders uit dan de meerderheid van de andere mensen die ze dagelijks op straat ontmoeten. Ook een goede job vinden, ligt soms heel moeilijk. Wat is dan een begrijpelijke, menselijke reactie? Terugplooien op een facet in je leven waarin je wel houvast vindt. Voor vele migranten is dit godsdienst. .... Maar ze laten zich te gemakkelijk voor één gat vangen. En een overheid, of in dit geval een school die bij voorkeur een instituut is dat jongeren hoopt op te voeden tot kritische burgers, heeft het recht, ja zelfs de plicht, om haar jongeren bij te sturen indien het dreigt mis te lopen met die identiteitsbeleving.

Meer hoofddoeken op straat
Het godsdienstige aspect van hun identiteit is té prominent aanwezig. In die zin dat het niet gezond meer is. Het is niet gezond dat aan jonge mensen niet meer kan gevraagd worden om die ene, meestal godsdienstige, uiting van hun nochtans meerlagige identiteit, even - gedurende de schooluren - af te zetten. Dit is problematisch. Zoals het ook problematisch is dat een imam een binnen de schoolpoorten georganiseerd beschaafd debat monopoliseert en een ganse menigte "Allah Akbar" laat schreeuwen. Of oproept niet meer naar school te gaan, waarmee hij eigenlijk de boodschap geeft dat godsdienst belangrijker is dan onderwijs.
    De athenea van Antwerpen en Hoboken verbieden overigens alle politieke en religieuze symbolen. Dus niet enkel de hoofddoek. Dat de athenea een poging doen om kledingvoorschriften voor iedereen gelijk te stellen, komt in het debat van de voorbije dagen onvoldoende aan bod. Het valt ons inderdaad op dat er weinig wordt gezegd over de grond van de zaak. Niemand verwoordt dit beter dan directrice Karin Heremans zelf: "Ik denk dat we naar een samenlevingsmodel moeten waarin we compromissen kunnen vragen van iedereen en waarbij we aan allochtonen kunnen vragen dat de hoofddoek soms afgedaan wordt." In de meeste Antwerpse scholen geldt - zeer eenvoudig - een hoofddekselverbod. Iedereen wordt gevraagd dit te respecteren. Waarom zou voor moslims dan een uitzondering moeten gemaakt worden?
    Omdat het over godsdienst gaat? Heeft godsdienst dan zo'n verheven statuut dat het boven algemene regels staat? We denken dat de seculiere rechtsstaat het belangrijke signaal moet geven dat dit niet zo is.
    Onder normale omstandigheden zou een hoofddoekverbod misschien niet aan de orde zijn. De vraag is echter of er nog sprake is van normale omstandigheden. Dat de islamitische godsdienst oprukt en radicaliseert, daarover is iedereen het eens. Je ziet vandaag veel meer hoofddoeken op straat en op school dan vroeger. Leerkrachten krijgen het steeds moeilijker om te onderwijzen over de evolutieleer en moeten steeds vaker hun lessen onderbreken omdat islamitische leerlingen protesteren en de leerkracht verwijten "haram" kleding te dragen of meningen te vertolken die haram zijn. Wie twijfelt aan dit snel oprukkende fenomeen moet maar eens wat minder opiniestukken lezen en praten met mensen in het veld. Met onderwijzers en maatschappelijk assistenten bijvoorbeeld. Zij ondervinden de problematiek dag na dag en wensen deze niet meer te relativeren. Zij vragen dat de overheid ingrijpt en eens duidelijk zegt waar de grenzen van godsdienstige aanspraken liggen.
    Denkt u nu echt dat het daar in Antwerpen en Hoboken allemaal dommeriken zijn die niet weten dat hun maatregel er op korte termijn voor zorgt dat bepaalde meisjes van hun familie niet meer mogen studeren? Denkt u nu echt dat die progressieve directies in Antwerpen en Hoboken niet weten dat emancipatie best van de onderdrukte groep zélf uitgaat en dat emancipatie onder dwang nogal paternalistisch is? Denkt u nu echt dat een progressief instituut als het Atheneum van Antwerpen, dat al jaren schitterend werk levert rond actief pluralisme, nu opeens gekaapt wordt door rabiate godsdiensthaters? Zou er echt niet een klein beetje meer aan de hand zijn? Zou het niet kunnen dat dit een schreeuw is naar onze politici om eindelijk eens beleid te voeren rond integratie? Dat dit een daad is - uit noodzaak - die even duidelijk wil stellen waar het algemeen belang primeert boven godsdienstige belangen? Dat dit een pedagogische maatregel is die het belang van godsdienst terug in het juiste perspectief wil brengen?   ...
    We stellen voor dat de minister van Onderwijs zich niet langer wegsteekt achter de autonomie van de scholen en eens nagaat in hoeverre gescheiden godsdiensten zedenleerklasjes bijdragen tot het onbekend-maakt-onbemind fenomeen. Bereiden we onze jongeren zo optimaal voor op een interculturele samenleving? Vinden wij het normaal dat jongeren al vanaf hun zesde geïndoctrineerd worden dat ze van klei gemaakt zijn en pas vanaf hun twaalfde vernemen dat ze van apen afstammen? Hoe komt het dat een zelfbewuste en niet van assertiviteit gespeende moslima in het KA Antwerpen verklaart dat er een islamitische expansie aan de gang is die door de goddelijke hand wordt gestuurd?
    We stellen ook voor dat de overheid een grondige bevraging organiseert over de verhouding tussen levensbeschouwing en overheid. In de eerste plaats bij onderwijzers, maatschappelijk assistenten, verenigingen, medewerkers van VDAB, politieagenten, straathoekwerkers, kortom bij mensen die dagdagelijks geconfronteerd worden met de samenlevingsproblemen. We stellen ten slotte ook voor dat iedereen eens rustig de tijd neemt om voor zichzelf uit te maken wat er nu werkelijk aan de hand is. Beste moslima's, een hoofddoekverbod is niet het einde van de wereld. Ga vooral verder met studeren. Discussieer met elkaar over godsdienst, maar ook over politiek, over sport, over liefde, over seks, over alle dingen die het leven mooi of lelijk maken. En draag die hoofddoek thuis of op straat, niemand verbiedt dit. Draag hem even niet op school of wanneer je een openbare functie uitoefent. Geef en neem.


Red.:   Met de geloofsmatige kant van de hoofddoek kan nu definitief worden afgerekend:


Uit: VARAgids, nr. 4-2010, door Nathalie Huigsloot.

Esmaa Alariachi

(1979: hoofd klantenservice van een energiebedrijf en tv-persoonlijkheid)

Hoe zou je je kledingstijl omschrijven? Die is eigenlijk niet te beschrijven. ...

Is er een groot verschil tussen hoe jij er binnens- en buitenshuis uitziet? Ja. Zodra ik thuiskom, gaat de hoofddoek af ...


Red.:   Natuurlijk maakt het voor God of Allah totaal niet uit op welke plek je je op deze materiële Aarde bevindt - God of Allah staat daar volkomen boven, als superieur opperwezen. Dus als je binnenshuis je hoofddoek niet op hoeft, dan hoeft dat buitenshuis ook niet.
    Wat iedereen dus eigenlijk wel zou kunnen weten, wordt door Esmaa, een hooggeplaatst ambassadrice van Allah in Nederland, dus volmondig bevestigd: de hoofddoek is er alleen voor de buitenwacht. Met als boodschap: ik ben geloviger dan jij - of: ik ben gelovig en jij niet. Want als iedereen even gelovig was, dan was een symbool voor gelovigheid totaal overbodig en zou ook zeker niet bestaan - niemand draagt een symbool van zijn mens-zijn. En dat "Ik ben geloviger dan jij staat ook voor: "Ik ben beter dan jij". Dus uiteindelijk is de werkelijke waarde ervan: de hoofddoek is sociale terreur.
    De discussie komt met tussen en met grote regelmaat terug, en boekt langzamerhand enige vooruitgang, met name door gebeurtenissen in Frankrijk en België, waar men doodgewoon hoofddoekverboden in openbare instellingen heeft of afkondigt:


Uit: DePers.nl, 09-03-2011.

België op weg naar hoofddoekverbod parlement

De grootste Belgische partij, de Vlaams-nationalistische N-VA, wil een hoofddoekverbod in het parlement. De partij sluit zich aan bij de Franstalige liberalen en het Vlaams Belang, die zich eerder al uitspraken tegen islamitische hoofddoekjes in de volksvertegenwoordiging.

Het pleidooi van de N-VA volgt op een incident in het parlement toen een medewerkster van de Vlaamse socialisten met hoofddoek een commissievergadering bijwoonde. Meerdere commissieleden deden hun beklag.   ...
    In navolging tot het hoofddoekverbod op openbare scholen in Antwerpen sinds september 2009, geldt een hoofddoekverbod op alle scholen in Vlaanderen. Het Antwerpse verbod is uitgebreid naar alle scholen.


Red.:   Zo simpel is het, net als de argumenten:
 

  De N-VA vindt dat geen enkel religieus symbool in het parlement thuishoort, dus ook geen keppeltjes, tulbanden en kruisen. De partij wijst op de scheiding tussen religie en staat.

In Nederland is men nog steeds bezig om de hete brei heen te draaien, onder druk van de populariteit van de PVV:


Uit: De Volkskrant, 16-03-2011, van verslaggevers Jan Hoedeman en Kim van Keken

Hennis (VVD) wil debat hoofddoek

Het debat over ambtenaren met een hoofddoek heeft nu ook de Tweede Kamer bereikt. VVD-Kamerlid Jeanine Hennis-Plasschaert pleitte openlijk voor 'een meer beschouwend debat over de scheiding van kerk en staat'. Tegen de lijn van de VVD in. Via GroenLinks, met de steun van meerdere partijen, komt dat debat er nu toch.
    Hennis deed haar uitspraken dinsdagochtend in dagblad De Pers. 'Het debat: wanneer draag je een hoofddoek? Dat zou ik graag willen voeren.' ...


Red.:   In Nederland heeft de religie nog veel invloed in de politiek, en die religeuze tak slaat meteen weer alarm:
 

  Coalitiepartij CDA reageerde dinsdag gestoken op de uitspraken van de VVD'er. Mirjam Sterk van het CDA over een mogelijk hoofddoekverbod voor ambtenaren: 'Welk probleem wil de VVD hiermee oplossen? Dit plan werkt de emancipatie van vrouwen juist tegen.'   ...
    ... 'Weer een liberaal die de godsdienstvrijheid overbodig noemt', twitterde ChristenUnie-leider André Rouvoet.

Weer een leugen van André Rouvoet, want de religieuzen zijn zo vrij als een vogeltje in de lucht om te geloven wat ze willen. Maar natuurlijk niet in hun omgang met anderen - net als dat geldt voor seks: ga je eigen gang, maar wel privé graag.
    Dit was weer reden voor een nieuwe herhaling van zetten. In chronologische volgorde:


Uit: De Volkskrant, 18-03-2011, column door Nausicaa Marbe, schrijfster

Hoe het zit met de hoofddoek

Tussentitel: Dat de hoofddoek maar een lapje is, is de riedel van de leuteraar

Maar weer eens over de hoofddoek, lang niet gedaan. Lees net dat de Amsterdamse VVD in crisis verkeert omdat een partijlid in de gemeenteraad opdook met een grauwe onderbroek op z'n hoofd - of was het een dweil? Solidariteit anno 2011. Dit uit protest tegen Jeanine Hennis-Plasschaert die een ontspannen debat begeert over de scheiding van kerk en staat en de onwenselijkheid van hoofddoeken bij ambtenaren met een publieksfunctie. Tja, ontspannen. De meningen zijn zo verdeeld en de emoties zo hoogoplopend, dat de spanning al voor het debat te snijden is.
    Er kleeft zo langzamerhand een ranzige smaak aan deze discussie. ...
    Het is onwenselijk dat de scheiding van kerk en staat en de positie van de islam in Nederland vaak behandeld worden als symbolische of futiele kwesties. De een vindt dat als de hoofddoek bij het loket verdwijnt, de neutraliteit van de overheid hersteld is. De ander beweert juist dat alle drukte rond de hoofddoek stupide is: het gewraakte ding is maar een lapje stof.
    Kortzichtige uitersten. Dat de hoofddoek zomaar een lapje is, is de riedel van de leuteraar die meepraat zonder na te denken. Er zijn culturen waarin vrouwen die dat 'lapje' niet dragen vermoord worden. Die mentaliteit houdt niet op bij de grens, de hoofddoekterreur migreert wereldwijd en de angst voor straf kan in Osdorp even beklemmend zijn als in Kabul. De hoofddoek is ook een solide uiting van geloof en identiteit. Of een provocerend statement, zoals vlak na 11 september 2001, toen veel vrouwen die gingen dragen als anti-westers protest. De hoofddoek ís beladen.
    Maar het grootste drama achter deze preoccupatie met de symboliek van de scheiding van kerk en staat, is dat de burger de overheid niet meer in staat acht haar neutraliteit daadwerkelijk - dus niet enkel cosmetisch - te behouden. Niet een willekeurige gelovige achter een loket is het probleem, maar het geloof van de burger dat de overheid zo'n vrouw meer kansen, meer coulantie, meer bescherming, kortom meer macht biedt vanwege haar geloof - uit politieke correctheid of overijverige positieve discriminatie. Hier wordt een groter ongenoegen zichtbaar dat zich loszingt van religies: de desillusie van de burger die zijn overheid niet meer in staat acht kundig te oordelen, fouten te herkennen, die te herstellen en te voorkomen. Op alle terreinen.   ...


Red.:   Een versie van het antigeluid. Gevolgd door:


Uit: De Volkskrant, 19-03-2011, door Simon Admiraal

Voer een echt hoofddoekendebat

De enorme opgang van het hoofddoekje in de laatste decennia rechtvaardigt de vraag of we te maken hebben met een religieuze of een politiek-ideologische symboliek.

Simon Admiraal | De auteur is arabist. Hij betoogt dat er een breed maatschappelijk debat moet komen om een antwoord te geven op de fundamentele vraag naar wat de grenzen van neutraliteit zijn in de openbare ruimte.

Kamerlid Jeanine Hennis-Plasschaert van de VVD heeft opgeroepen tot een beschouwend debat over de scheiding van kerk en staat. Dit naar aanleiding van de toenemende aanwezigheid van vrouwen met hoofddoek in de publieke ruimte.   ...


Red.:   De oproep tot de in feite volstrekt overbodige herhaling der zetten. Overigens, met ook in dit geval een volkomen duidelijke uitkomst:
 

  Moslimvrouwen zijn er in alle soorten. Met hoofddoek en zonder hoofddoek. Het schijnt alle twee te kunnen. Tijdens een debat onlangs op de radio zei de eigenzinnige Ebru Umar: 'Ik heb nog nooit een hoofddoekvrouw gezien die tegenover mij durfde toe te geven dat zij dit niet uit vrije wil deed.' In het herkomstland van haar familie, Turkije, konden vrouwen jarenlang onder bescherming van de kemalistische republiek ongegeneerd hun haren laten wapperen. In het huidige Turkije wordt die vrijheid langzaam teruggedraaid, al was het maar vanwege de strenge morele groepsdruk die uitgaat van zo veel bedekte vrouwen op straat.
    Als ik in de jaren tachtig voor mijn werk Libië bezocht, of Irak, zag ik vrouwen in meerderheid met onbedekt hoofd op straat lopen. Arabische commentatoren van seculiere gezindte wijten bijna allemaal deze verandering aan het succesvolle missiewerk door de fundamentalisten van verschillende pluimage. De vraag is dus gerechtvaardigd of we te maken hebben met religieuze of een politiek-ideologische symboliek.  ...
    In Egypte, waar de islam als politieke ideologie in de jaren twintig van de vorige eeuw (opnieuw?) werd uitgevonden, zijn veel experts te vinden die ons hoofddoekendebat kunnen voorzien van de nodige context.
    Publicist en wetenschapper Sayed Al-Qimeny bijvoorbeeld zegt: als westerlingen zouden begrijpen waarom vrouwen zich sluieren, zouden zij weten dat dit niet alleen maar een teken (symbool) is. Al-Qimeny legt uit welke woorden de vrouwen in de mond gelegd worden door de fundamentalisten: 'Ik ben een moslimvrouw, beter dan jij, naakte westerse vrouw, jij bent een volgelinge van de Satan en ik van de machtige God.' (ana imra'a muslima afdal minnik ayyatuhaa mar'a gharbiyya il-'aariyya, inti taabi'a ash-shaytaan wa ana taabi'a allaahi al-'aziim).
    Karima Kamal, journaliste bij een grote Egyptische krant en schrijfster, zegt: voor islamisten is de vrouw zelf het symbool dat de identiteit van de mannen bevestigt. 'Maar deze islamisten zijn bezig met politieke macht.' En Tarek Heggy, een liberale filosoof zegt: de hoofddoek is een logo. Het staat voor: hoe meer gesluierde vrouwen er onder ons zijn, hoe beter wij het doen als politieke entiteit in Europa. Bovenstaande citaten komen uit een internetfilm, gemaakt door een Irakees die al lange tijd geleden asiel heeft gevonden in Noorwegen en die zich grote zorgen maakt over de invloed op en indoctrinatie van westerse moslims door politieke fundamentalisten in Europa.

Overduidelijk, allemaal: er is geen enkel verdere vraag nodig over of het ideologie is of niet: het is op zijn minst allebei, en het percentage ideologie is minstens enkele tientallen. Ruim meer dan voldoende voor een verbod.
    Met natuurlijk ook het al beschreven geleuter:


Uit: De Volkskrant, 19-03-2011, ingezonden brief van Harry Rijpkema, Amsterdam

Hoofddoekjes

Dat gezeur over hoofddoekjes begint langzamerhand irritant te worden. Dat er steeds maar op gewezen wordt dat het uitsluitend een religieus symbool zou zijn, is onzin. Het is ook gewoon traditioneel en vrouwen vinden dat ook wel eens prettig of mooi en kiezen er daarom gewoon voor. In de jaren vijftig en zestig was het dragen van hoofddoekjes in Nederland doodnormaal.
    Over het vermeende probleem van hoofddoekjes in werksituaties, onderwijs, publieke functies, het volgende. Als bijvoorbeeld een leraar voor de klas staat en voor zich een aantal meiden met hoofddoekjes ziet, hoeft dat geen probleem te zijn, als hij er onbevooroordeeld tegenover staat. ...


Red.:   Misverstand, natuurlijk: "Als moslim-meiden voor een klasdeur staan, hoeft het geen enkel probleem te zijn hun hoofddoek af te leggen, als ze er maar onbevooroordeeld tegenover staan" ... Gevolgd door nog een misverstand:
 

  Afgezien daarvan is het in deze tijd, waarin we met allerlei problemen te maken hebben, onverstandig zoveel misplaatste aandacht aan dat stukje textiel te schenken.

Inderdaad: afdoen die hoofddoek.
   En ook nog wat zeldzaam aanvullend gezond verstand:


Uit: De Volkskrant, 26-03-2011, ingezonden brief van Jan Atze Nicolai (Leeuwarden)

Bedrijfskleding

Wanneer we ontspanning willen in de discussie over hoofddoekjes in publieke functies heeft het geen zin om de scheiding van Kerk en Staat erbij te halen.
    En een ideologische discussie hier aan verbinden omtrent vrijheid van godsdienst of meningsuiting leidt al helemaal nergens toe.
    In je werk is nu eenmaal de vrijheid van meningsuiting of godsdienst buitengewoon beperkt. Zie de kleding die mensen dragen in functie daarom gewoon als bedrijfskleding. Bedrijfskleding is een kwestie van fatsoen en representativiteit.
    Dit beoordelen is al lastig genoeg. Maar met ideologisch groteske woorden komen we er helemaal niet uit.


Red.:   Met als kleine aanvulling: en die ideologisch groteske worden komen, natuurlijk, in eerste instantie van de moslims: "Ik kan mijn hoofddoek niet afdoen, want dat is tegen mijn geloof". Grotesker kan het niet, omdat dat geloof natuurlijk niets anders is dan de hoogste persoonlijke eigen mening van die persoon, die dus in feite zegt: "Ik kan mijn hoofddoek niet afdoen, omdat ik dat niet wil". En oh ja: dan anderen diezelfde persoonlijke afwijking hebben, zegt natuurlijk absoluut niets over de absurditeit en groteskheid ervan. Kijk maar naar het geloof in de platheid van de Aarde.
   Oh ja, en buiten de chronologie: de Volkskrant zelf had ook nog een mening:


Uit: De Volkskrant, 15-03-2011, door Janny Groen

Interview | Tayyibah Taylor, islamitische bladmaakster

Slachtoffers Nee!

Westerse media denken dat moslima's weinig in te brengen hebben. De glossy Azizah bestrijdt dat vooroordeel, net als Ebony eerder voor de zwarten deed.

De Amerikaanse moslima Tayyibah Taylor (58) somt op: 'Je hebt het slachtoffer-stereotype, de exotische haremvrouw, de terroriste, de verlichtingsfundamentaliste, de fanatieke bekeerlinge en de ik-sta-in-mijn-recht-dwingeland.'
    Deze zes beelden van moslima's duiken voortdurend op in de westerse media, betoogt ze. 'Alsof er geen krachtige professionele moslimvrouwen zijn die een zegen zijn voor de westerse samenleving'.
    De oprichtster van de islamitische vrouwenglossy Azizah (letterlijke betekenis: kracht en dierbaarheid) bracht vorige week een bliksembezoek aan Nederland ...
    'Moslima's worden vaak neergezet als slachtoffer van hun mannen of van hun religie. Hoofddoeken dragen ze altijd omdat ze onderdrukt worden. Er zijn zeker onderdrukten, maar de meeste islamitische vrouwen herkennen zich niet in die beeldvorming. ...
    Taylor, altijd kleurig gekleed met zwierige hoofddoek, is geboren op Trinidad. ...


Red.:   Die mening dus zijnde: "Er is weinig tot niets aan de hand".
    De moslims vormen in dit debat natuurlijk één front:


Uit: De Volkskrant, 30-03-2011, door Ferdows Kazemi,

Verbod op hoofddoek houdt vrouwen thuis

Ferdows Kazemi is van Iraanse afkomst en woont achttien jaar in Nederland. Zij vindt dat je een vrouw niet thuis mag laten zitten. Zonder hoofddoek mag zij immers niet naar school of naar het werk.


Red.:   En meteen al met de kop, in dit geval een volstrekt juist weergave van de inhoud, gaat het fout: het is niet het verbod op hoofddoek dat vrouwen thuishoudt (dat wil zeggen: niet naar school en dergelijke), maar het gebod op hoofddoek.
 

  Ik heb een heel persoonlijk verhaal dat misschien kan bijdragen aan het debat dat Jeanine Hennis-Plasschaert wil over de scheiding van kerk en staat, met als onderdeel de hoofddoek.

Wat het ook is, het is volstrekt irrelevant. het gaat om sociologische zaken, en niet om een individueel geval. De waarde van deze aanroep wordt zo meteen helder.
 

  Ook van mij mogen alle hoofddoeken in de fik gestoken worden. Ik heb ze van mijn 12de tot mijn 26ste gedragen en daar meer ellende aan beleefd dan vreugde.

Beweert hiermee een liberaal moslim te zijn.
 

  Maar ik mag die doeken niet verbranden.
    Ik mag een vrouw niet thuis laten zitten. Zonder hoofddoek mag zij immers niet naar school of naar het werk.

En bewijst hier een steuner van de fundamentalistische islam te zijn. Want niet het verbod, maar het gebod op de hoofddoek dient bestreden te worden.
 

  Ik mag geen enkel mens het recht op ontwikkeling ontnemen en een vrouw al helemaal niet. Omdat de vrouw dat recht zelf verdiend heeft en niet cadeau gekregen.

Niet alleen mevrouw Kazemi mag niet niet, maar ook fundamentalisme moslims. En als ze het wel doen, dienen ze gecorrigeerd te worden op de passende manier: door uitzetting naar een fundamentalistisch moslim-land. dan kunnen de vrouwen vrij kiezen wat zij willen: de fundamentalistische islam, of de vrijheid.  
 

  Als ik de doek verbied, onderscheid ik me niet van de religie die de doek gebiedt.

Equivalent aan: de persoon die iemand met een wapen dwingt iets te doen staat gelijk aan de persoon die drager van het wapen dwingt dat af te leggen. Flagrante onzin, dus.
    En ook de autochtone warhoofden blijven, zonder in te gaan op de weerleggingen, als gelovigen in de kerk de liturgie herhalen:


Uit: De Volkskrant, 02-04-2011, ingezonden brief van Josephine Eijnthoven (Haarlem)

Wij liepen hier ook met 'achterlijke' hoofdbedekkingen

Hoewel hoofdbedekkingen of andere lichaamsversierselen die dienen om aan te tonen welk geloof je aanhangt niet mijn sympathie hebben, schoot mij toch iets uit een nabij verleden te binnen. Met dank aan de katholieke school in Volendam.
    Het gebeurde halverwege de jaren vijftig van de vorige eeuw. Die benauwende, eenvoudige tijd waarin bijna iedereen even arm was en de rooms-katholieke kerk nog invloed kon uitoefenen op het kindertal.
    De tijd dat priesters en nonnen hun typische kleding droegen: lang, wijd en fladderend.
    Bij de nonnen mocht geen haarsprietje onder de nauw sluitende kap met sluier vandaan komen.  ...


Red.:    En zo gaat het nog even door, zonder dat een of ander redactielid het slachtoffer in bescherming neemt, en de onzin in de prullenbak gooit. Voor de grap nog eens een weerlegging: de stelling is dezelfde als degene die een opgenaaid label van Lacoste of Tommy Hilfiger gelijk stelt aan een Jodenster omdat die ook een opgenaaid stukje stof is ...
    En na collectie onzin had de auteur ook nog een uitsmijter:
 

  Nu hebben we het over hoofdbedekkingen in die 'achterlijke' landen. Ze halen ons nog wel in, over vijftig jaar. Maar waarschijnlijk eerder.

Net zoals de negers in Amerika of Afrika of de Papoea's op Nieuw-Guinea ons eerder dan vijftig jaar wel ingehaald hebben.
    Nog een aardig weerwoord richting zemelaars:



De Volkskrant, 11-04-2011, ingezonden brief van Nelleke Schuurman (Leiden )

Hoofddoek

Hoofddoek op katholieke school moet kunnen? Nu het omgekeerde: katholiek meisje (zonder hoofddoek) draagt zichtbaar een ketting met een kruisje op een islamitische school, moet kunnen?


Red.:   Een retorische vraag, natuurlijk ...
   En je zou bijna zeggen, ter afsluiting, een column van Max Pam, die hoogstwaarschijnlijk volkomen onbedoeld, aan iedere redelijke discussie een einde maakt. De aanleiding is een bezoek in den vreemde van koningin Beatrix aan een moskee, met een sjaal als hoofddoeken over haar hoed, en het commentaar daarop van Geert Wilders. Pam komt te hulp:


Uit: De Volkskrant, 13-01-2012,column door Max Pam

'When in Rome, do as the Romans do'

De grappigste reactie op het DWDD-naaktfilmpje van koningin Beatrix en prins Willem-Alexander ...
    Het DWDD-filmpje was een commentaar op het bezoek van koningin Beatrix aan de grote moskee in Abu Dhabi, alwaar het Nederlands staatshoofd een hoofddoek droeg. Na het bezoek kwam de PVV in actie met Kamervragen, waarin van 'een trieste wanvertoning' werd gesproken. De regering antwoordde met een regel van algemeen fatsoen, die internationaal is ingeburgerd: 'When in Rome, do as the Romans do'.   ...
    When in Rome is ook een toneelstuk, een film en een song. Op You Tube staan uitvoeringen van Tony Bennett en van Barbara Streisand. Fijne muziek om bij te dromen over verre landen. Die peniskoker stond Alex trouwens heel goed.
    Die peniskoker stond Alex trouwens heel goed.


Red.:  Die Max: When is Holland, do as the Dutch! Dus geen hoofddoeken!
    Bericht:

De Volkskrant, 14-06-2012, AP.

NDP'ers weg door Thor Steinar-shirts

Acht extreem-rechtse leden van het parlement van de Duitse deelstaat Saksen zijn door voorzitter weggestuurd omdat ze kleding droegen die populair is onder Duitse neonazi's. De acht, allen lid van de extreem-rechtse partij NDP, mogen de komende drie zittingen niet bijwonen. Ze weigerden T-shirts en hemden uit te trekken van het merk Thor Steinar, dat bekendstaat om zijn kleding met runen-prints.

 

Red.:   Waarna hoofddoeken met beroep op deze jurisprudentie onmiddellijk verboden kunnen worden.
    En een definitieve bevestiging:


Uit: GeenStijl.nl, 26-03-2015, door Spartacus uitleg of detail

Wetenschap: 55% hoofddoekjes is fundamentaliste

Ruud Koopmans, 's lands rogue academic, trapt weer eens een heilig huisje aan stukken. Ditmaal in ... Opzij. "Als tolerante Nederlanders zijn we geneigd te denken dat de sluier een onschuldig lapje stof is. Dat klopt niet. 55 procent van de stellen waarvan de vrouw een hoofddoek draagt, is fundamentalistisch," aldus Ruud K. ... [hij, red.] stelt vervolgens: "De hoofddoekdragers geven op andere vlakken ook vijandigere antwoorden. Op de stelling 'Joden zijn niet te vertrouwen' antwoordt 54 procent van de mannen met een gesluierde vrouw bevestigend, tegenover 26 procent zonder gesluierde vrouw. Liefhebbers van de hoofddoek zijn vaker homohaters en staan vijandiger tegenover het Westen. Ook als je corrigeert voor leeftijd en opleidingsniveau, zie je dat de hoofddoek gepaard gaat met fundamentalisme, een vijandigere houding en meer antisemitisme." Over het effect van hoofddoekjes op de kansen op arbeidsmarkt laat R.K. ook weinig in het midden: hoofddoekje=significantminderkansopwerk. De conclusie luidt dat 55% van de hoofddoekjes een fundamentaliste is, en 45% niet. 55% kopvod, 45% hoofddoek. ...


Red.:   Of ook wel: 55 procent is openlijk extremist, de rest is het in het verborgene.
    Maar het artikel bevatte nog een onthulling:

  ... misschien wordt het tijd Artikel 435a van het Wetboek van Strafrecht weer eens af te stoffen. "Hij die in het openbaar kledingstukken of opzichtige onderscheidingstekens draagt of voert, welke uitdrukking zijn van een bepaald staatkundig streven, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twaalf dagen of geldboete van de tweede categorie." 55% van de gesluierde dames drukt middels haar kleding immers een "bepaald staatkundig streven" uit. Nederland doet altijd angstvallig alsof die wet niet bestaat, want niet uit te voeren zonder overte burgeroorlog te ontketenen. ...

Hallo ... De wet om hoofddoeken te kunnen verbieden bestaat gewoon! Want dat een hoofddoek een staatkundig streven inhoudt, is zo overduidelijk, dat de bewijslast aan de andere kant ligt. Het streven naar kalifaat behoort namelijk tot de kern van de islam uitleg of detail . En eveneens tot die kern behoort dat de "Wet van Allah" gaat boven iedere seculiere wetgeving.
    Wie begint het proces?


Naar Hoofddoeken , Allochtonen lijst , Allochtonen overzicht , of site home .