WERELD & DENKEN
 
 

Cultuur, Joods, kwaadaardigheid: Claude Lévi-Strauss

Claude Lévi-Strauss is in tegenstelling tot de voorgaande figuren in deze reeks verzamelingen van kwaadaardige Joodse personen  een niet-levend persoon. Dat wil zeggen: fysiek. In de maatschappij leeft hij veel intenser en veel grootser dan alle reeds behandelden bij elkaar, als vandaaldrager van één van hun meest geliefde ideologiën: die van "De Gelijkheid der Culturen".

Voor wie de naam niet kent: Claude Lévi-Strauss wordt wel beschouwd als de grondlegger van de culturele antropologie, en als één van de belangrijkste sociologen. Met als bekendste opvattingen (wikipedia.org, opgeslagen 25-01-2018 uitleg of detail )
  Claude Lévi-Strauss

... Lévi-Strauss argued that the "savage" mind had the same structures as the "civilized" mind and that human characteristics are the same everywhere. ...

Hetgeen dus door zijn navolgers vertaald is of in iedere geval toegepast wordt in de vorm van "De Gelijkheid der Culturen".

Waarvan iedereen met ook maar enig gezond verstand weet dat het niet alleen onzin, is, maar zelfs volstrekte, opzichtige, voor iedereen waarneembare en op de televisie dagelijks vertoonde onzin.

De westerse culturen functioneren veel beter dan de niet-westerse oftewel gekleurde , en wel zodanig veel beter dat de gekleurden in grote getale naar het westen trekken en met name Europa omdat Amerika voor hen onbereikbaar is vanwege het fysieke obstakel van een oceaan.

Maar ook meer theoretisch is "De Gelijkheid der Culturen" natuurlijk volstrekte onzin, want zonder ongelijkheid geen evolutie. Het onderscheid tussen de "civilized" en de "savage" is natuurlijk even groot als de "savage" en de "savage before the savage" emzovoort, creërende een keten die pas een soort einde heeft bij de opsplitsing met de neandertalers. Enzovoort.

En wie denkt dat de evolutie is ophouden bij het ontstaan van de mens en dus de menselijke cultuur, is geestelijk gestoord van de soort "Joods"  , dat wil zeggen: de soort die dingen is gaan vertellen en opschrijven namens "De Absoluut Heerser die niemand kan zien behalve zij", en waardoor zij "Het Uitverkoren Volk" zijn.

Ieder individu die soortgelijke individueel geformuleerde opvattingen ventileert (dus type "Ik ben Napoleon") wordt onmiddellijk opgesloten, of in ieder geval voor gek verklaard.

De betreffende Joodse culturele opvattingen zijn dat natuurlijk ook, wat netter geformuleerd als "geestelijke gestoord". Zijnde meer van de cognitieve soort, dus zijnde vormen van cognitieve psychopathie (bij meer individuele uitingen) en cognitieve sociopathie (als het over mensengroepen gaat).

Claude Lévi-Strausss is één van de opvallende exponenten van dat laatste.

Maar in de huidige maatschappij, waarin het Joodse denken domineert (als "politieke-correctheid"  ) , is zijn principe heilig, en Claude Lévi-Strauss onomstreden.

Dus was het uiterst opvallend om deze ene uitzondering tegen te komen - merk op: dit is op het moment van schrijven, januari 2018, al weer zes-en-een-half jaar geleden (de Volkskrant, 25-06-2011, door André Köbben):
  Lévi-Strauss droeg kleren van de keizer met zwier

Geloof in eigen voortreffelijkheid en bijval van intellectuelen bepaalden succes Claude Lévi-Strauss.

André Köbben | André Köbben is emeritus hoogleraar antropologie aan de Leidse universiteit. Hij onderkent dat zijn vakgenoot Claude Lévi-Strauss zekere kwaliteiten had, maar die lagen overwegend buiten de wetenschap.

...    1955: Ik lees Lévi-Strauss' toen befaamde dissertatie, handelend over vormen van verwantschap in tribale samenlevingen.
    1957: Twee vooraanstaande Amerikaanse onderzoekers gaan in op stellingen van Lévi-Strauss in genoemd boek. Zij behandelen Lévi-Strauss en zijn werk kritisch maar uiterst fair. Daarom heb ik jarenlang iedereen die het horen wilde hun werkstuk ter bestudering aanbevolen.
    Waar gaat hun kritiek over? Er zijn tribale samenlevingen waarin de aangewezen huwelijkspartner van een man zijn moeders broeder dochter is. Deze huwelijksregel, zegt Lévi-Strauss, leidt tot een grotere mate van samenhang in de gemeenschap en is in die zin een 'betere' samenleving. Hoe komt het dat in sommige stammen deze regel bestaat, in andere niet? Lévi-Strauss veronderstelt dat in oeroude tijden in sommige groepen slimme mensen waren die het nuttige effect van die regel hebben voorzien, in andere niet. Voorwaar een koene veronderstelling! Die echter als onoverkomelijk bezwaar heeft dat zij nooit bevestigd noch ontkracht kan worden door proefondervindelijk onderzoek.
    De genoemde Amerikanen leveren een andere verklaring die wel empirisch te toetsen is. Zij hebben zo'n toetsing ook uitgevoerd, hetgeen hun maanden van noeste arbeid heeft gekost. Lévi-Strauss heeft op hun studie gereageerd, jawel, met een nietszeggende voetnoot.
    1962: Van de filosoof Jean-François Revel verschijnt het boek La Cabale des Dévots oftewel Het Gezelschap der Goedgelovigen. Daarin bindt hij de strijd aan met een reeks hele en halve filosofen, onder wie Sartre, Heidegger en Lévi-Strauss. Zijn bezwaar is dat zij met stelligheid uitspraken doen over zaken die zij onvoldoende onderzocht hebben. 'Goedgelovigen' noemt hij degenen die desondanks de beschouwingen van zulke geleerden klakkeloos voor waar aannemen. Dat doen ze vooral omdat deze geleerden hun ideeën zo meeslepend onder woorden weten te brengen. Meeslepend schrijven, is iets wat Lévi-Strauss als geen ander kon. Vandaar vooral het succes van zijn Tristes Tropiques.
    Lévi-Strauss ontzegt Revel het recht te oordelen over zijn geschriften, 'want', zegt hij, 'ik heb geleefd in een inheemse samenleving. Hoe zou een buitenstaander daarover iets zinnigs te berde kunnen brengen?' Maar Revel wijst erop dat Lévi-Strauss slechts een minuscuul deel van zijn professionele leven besteed heeft aan onderzoek in het veld.
    In 1964 houdt Lévi-Strauss in Londen de prestigieuze Huxley Memorial Lecture. Hij sprak over Crow-Omaha verwantschapsstelsels. Verreweg de meeste aanwezigen waren leken op antropologisch gebied en zullen er geen snars van begrepen hebben.
    De genoemde stelsels komen betrekkelijk zelden voor. Maar toevallig heb ik zelf ooit onderzoek gedaan in zo'n samenleving. Ziehier hoe ik daarop geattendeerd werd;
    Met mijn vaste informant ben ik in zijn moeders dorp. Terwijl wij zitten te praten, loopt een meisje van een jaar of vijf ons voorbij. Hij roept haar bij zich, zet haar op zijn knie en zegt met een voilà-gebaar: 'dit is mijn moeder'. Wat blijkt? De zusters van zijn 'echte' moeder spreekt hij aan met dezelfde term als haarzelf. Dat geldt voor vele samenlevingen. Maar het bijzondere van deze samenleving is dat voor alle vrouwen en meisjes in mannelijke lijn diezelfde term wordt gebruikt.
    Maar nu Lévi-Strauss. Hij beweert dat samenlevingen met een dergelijke terminologie een sprong vooruit betekenen in de evolutie van de mensheid. Hij doet dat aan de hand van een spitsvondige en vergezochte redenering. Wij (twee medewerkers en ikzelf) hebben zijn theorie onderzocht. Dat heeft ons maanden werk bezorgd. We hebben aangetoond dat samenlevingen met een zodanige terminologie helemaal niet de bijzondere plaats innemen in de geschiedenis, die Lévi-Strauss aan hun toeschrijft. Onze inspanningen hebben geresulteerd in het enige artikel in mijn lange loopbaan dat volstrekt onbegrijpelijk is, behalve voor een handjevol ingewijden.
    Amusant was (vonden wij) wat er gebeurde toen wij een overdruk van ons artikel aan hem hadden opgestuurd. Per kerende post kregen wij een briefkaart: 'To acknowledge with thanks receipt of your paper with which I most utterly disagree! Cordially, Claude Lévi-Strauss'.
    In 1975, krijg ik, als tijdschriftredacteur een artikel te beoordelen van P.L. Aspelin, een Amerikaanse antropoloog die onderzoek had gedaan bij de Nambikwara, een indianenstam in het Amazonegebied waarmee Lévi-Strauss in 1938 contact gehad heeft en waarover hij schrijft in Tristes Tropiques. Aspelin toont pijnlijk nauwkeurig aan dat wat Lévi-Strauss over hen vertelt kant noch wal raakt. Wij nodigen Lévi-Strauss uit een repliek te schrijven. In een korte reactie complimenteert hij Aspelin met zijn onderzoek maar gaat niet in op diens kritiek.    ...
    In 2010 verschijnt een biografie van de hand van Patrick Wilcken, getiteld: Claude Lévi-Strauss (New York: The Penguin Press, 404 pagina's). De auteur geeft onomwonden te kennen dat Lévi-Strauss nooit echt antropologisch veldwerk verricht heeft. ...

Vraag 1: heeft Claude Lévi-Strauss ooit wetenschappelijk onderzoek gedaan? Antwoord: Nee. Vraag 2: Waarom heeft Claude Lévi-Strauss zo'n reputatie verworven? Antwoord: ten eerste: hij kon goed schrijven - ten tweede: hij kon goed theoretiseren - ten derde: er is een grote behoefte aan mensen die kunnen goed kunnen schrijven en tegelijkertijd goed kunnen theoretiserend fantaseren.

Is er in het geval van Claude Lévi-Strauss dus sprake van wetenschap? Antwoord: Nee! Is er bij de  aanhangers van Claude Lévi-Strauss dus sprake van wetenschap? Antwoord: Nee!

Hoe groot en invloedrijk is de aanhang van Claude Lévi-Straus? Antwoord:
  Het gebeurde in 1972. Ik word opgebeld door een collega. Hij zegt: 'Ik ben lid van de commissie die de winnaar van de Erasmusprijs moet aanwijzen. Wij denken aan de antropoloog Claude Lévi-Strauss. Wat vind jij als antropoloog daarvan?'
    'Mijn keuze zou het niet zijn. Die man heeft zijn verdiensten, maar hij is geen goede antropoloog. Ik kan mijn mening toelichten, maar dat zal weinig baten. Dat hij het wordt, staat nu eenmaal in de sterren.'
    Zijn werk is door een stoet geleerden uit de meest uiteenlopende vakgebieden besproken: filosofen, linguïsten, historici, noem maar op. Steeds vol lof. Bijvoorbeeld. Een filosoof schrijft: 'Hij is een meesterdenker... hij verbluft als meeslepend verteller en borend graver van de menselijke beschaving... Hij legt de strengste wetenschappelijke eisen aan... Zijn boek Tristes Tropiques is een adembenemend reisverslag, subliem geschreven, het behoort tot de allergrootste werken van de 20ste-eeuwse Franse literatuur.'   ...
        2008. Het jaar van Lévi-Strauss' honderdste geboortedag. President Sarkozy feliciteert hem namens het Franse volk. Hij was lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Het bestuur vraagt mij een rede te zijner ere te houden. Ik sla die uitnodiging beleefd af.
    2009. Het jaar waarin Lévi-Strauss overlijdt. Zijn dood is wereldnieuws. In Nederland wordt hij door de KNAW op passende wijze herdacht.

De invloed en de aanhang van Claude Lévi-Strauss is dus zeer groot, beslaande een belangrijk deel van de antropologie. Vraag: Is er in de hoofdstroming van de antropologie sprake van wetenschap? Antwoord: Nee! uitleg of detail

Tot slot een opmerking die buiten het sociologische vakgebied ligt, maar kenmerkend is voor dit soort denken:
  Neem zijn Mythologiques. Vier boeken over mythen, meer dan 2.000 pagina's omvattend. Ik had me voorgenomen daarvan althans een deel te lezen, maar heb de lectuur al spoedig gestaakt. Zijn interpretaties leken mij wel zeer arbitrair. Zozeer, dat ik me nauwelijks kon voorstellen dat een ander tot dezelfde uitkomsten zou geraken. Lévi-Strauss geeft dat zelf toe waar hij schrijft: 'het doet er niet toe of de gedachtegang van die indianen zijn vorm krijgt door het medium van mijn denken, of omgekeerd de mijne door hun denken'. Iemand heeft dat 'a Neem zijn Mythologiques. Vier boeken over mythen, meer dan 2.000 pagina's omvattend. Ik had me voorgenomen daarvan althans een deel te lezen, maar heb de lectuur al spoedig gestaakt. Zijn interpretaties leken mij wel zeer arbitrair. Zozeer, dat ik me nauwelijks kon voorstellen dat een ander tot dezelfde uitkomsten zou geraken. Lévi-Strauss geeft dat zelf toe waar hij schrijft: 'het doet er niet toe of de gedachtegang van die indianen zijn vorm krijgt door het medium van mijn denken, of omgekeerd de mijne door hun denken'. Iemand heeft dat 'a splendidly egotistical passage' genoemd.

En ineens doet dat denken aan Arnon Grunberg. Ook zo iemand die zo uitstekend kan schrijven. En talloze 'splendidly egotistical' opinies in zijn columns in de Volkskrant weet te produceren.

En wat dus in hoge mate geldt voor de hele etnische groep, gezien hun sterke oververtegenwoordiging in de schrijverij, de media enzovoort. Leidende tot de reeks verzamelingen op deze website.

Waarmee de cirkel rond is, want zo is de dominantie van het Joodse culturele denken ontstaan, waardoor het mogelijk is dat zulk gestoorde denkbeelden als die van Claude Léi-Strauss nog steeds als waarheden rond kunnen dwalen.


Naar PC club  , of site home  .

 

25 jan.2018