WERELD & DENKEN
 
 

De abstractieladder

De abstractieladder is een begrip uit de algemene semantiek  uitleg of detail , een discipline ontwikkeld door Alfred Korzybski uitleg of detail in zijn boek Science and Sanity, de eerste systematische beschrijving van de relatie tussen taal en werkelijkheid. Eén van Korzybski's uitgangspunten was "The map is not the territory" uitleg of detail ("De kaart is niet de wereld zelf"), uitgebeeld rechts. Een belangrijk gereedschap in de uitwerking was de "structural differential" uitleg of detail , een mechanisch model van de relaties tussen woorden. Dit alles is later in toegankelijker vorm uitgewerkt door S.I. Hayakawa uitleg of detail in Language in Thought and Action uitleg of detail , waarin hij de structural differential omvormde tot de "abstractieladder". Hier gaan beide gecombineerd worden met in de tussentijd nieuw ontwikkelde kennis in de neurologie tot een nieuwe en hopelijk betere versie.

Het proces van het maken van "de kaart", het model van de wereld in het hoofd van het individu, wordt voor het overgrote deel onbewust uitgevoerd, beginnende met de waarnemingsorganen en gevolgd door een lange reeks hersenonderdelen die daar aan vastzitten. Een evolutionaire drijfveer achter de ontwikkeling van veel van de hogere onderdelen is het kunnen onderscheiden van levensvormen in de leefomgeving in gevaarlijke en ongevaarlijke, oftewel: de indeling in groepen, gebaseerd op gemeenschappelijke kenmerken. Zo'n groep is geen object in de direct waarneembare wereld, creërende een onderscheid in het model van de wereld in het hoofd van direct waarneembare object, rechts in de open-schedel illustratie, en de daarvan geabstraheerde groepen, links.

Deze eigenschap is al aanwezig in vele diersoorten, zeker vanaf het niveau dat ze elkaar kunnen waarschuwen voor gevaar als roofdieren. Bij de mens is dat het hoogst ontwikkeld, in de vorm bekend als "taal". "Taal" is het communiceren van symbolen door middel van klankuitstoten, later aangeuld met een notatiesyteem hieroor, genaamd "schrift". "Taal" lijkt dus in eerste instantie gebruik te maken van het linkerdeel van het menselijke belevingsspectrum.

Algemene semantiek is een manier om dat te beschrijven en daarin is de abstractieladder ontwikkeld als de systematische uitwerking van relaties tussen groepen van allerlei soorten, waaronder dus degene bekend als "abstracties", begrippen zonder directe band met de werkelijkheid - de hokjes van de linkerkant. Dit is dus een weerslag van neurologische ontwikkelingen, maar in de algemene semantiek is het gedaan direct vanuit het uitgangspunt van taal, en de betekenis van woorden. Beginnende met een indeling van de verschillende soorten van woorden.

De allereerste soort woorden en een goede kandidaat om de oorsprong te zijn van de ontwikkeling van taal zijn de aanwijswoorden. Ze zijn noodzakelijk om een verbinding te leggen tussen een klankuitstoot en een object. Ook "moderne" kinderen leren taal op die manier. Hier in het voorbeeld rechts: Mama: "Daar is Bessie!"

Verzamelwoorden KoeDe tweede soort woorden is die van de eerste en natuurlijk ontstaande abstracties: alle beesten die op "Bessie" lijken - "Klara", "Johanna" enzovoort, waarbij "Klara" en "Johanna" de aanwijswoorden zijn voor twee bepaalde andere koeien op de boerderij. Het woord "koeien" heeft de gezamenlijke eigenschappen van alle koeien op de boerderij, maar een groot aantal individuele eigenschappen van Bessie enzovoort gaan daarbij verloren; samengevat als: het verzamelwoord "koeien" is abstracter dan het aanwijswoord "Bessie".

Verzamelwoorden VeeDe boerderij van Klaas heeft naast koeien ook paarden en varkens. Koeien en paarden en varkens zijn heel verschillend, maar voor boer Klaas toch ook weer gelijk in een aantal zaken: zo hebben zowel koeien als paarden voer nodig, produceren ze mest, enzovoort. Die gemeenschappelijke eigenschappen worden samengevat in het woord "vee", in het Engels livestock oftewel: "levende have" - wat ook gezien kan worden als een verzameling van verzamelingen. Merk op dat er voor "vee" geen afbeelding is te maken. Kennelijk is het zo dat hoewel beide termen abstracties zijn, "vee" een andere relatie tot de werkelijkheid heeft dan "koe". Hiervoor is dus de term "hogere abstracties".

Als deel van "vee" verliest koe "Klara" weer een groot deel van haar eigenschappen: het melk geven (althans: als producent), en bijvoorbeeld ook haar kleur. Koeien zijn zwart-wit, paarden bruin en varkens roze, dus je kan niet spreken van de "kleur" van "vee". Dit wel doen is een vorm van "categorieverwarring", een zeer veel voorkomende redenatie- en taalfout uitleg of detail .

 Het is duidelijk dat hiermee het hek min of meer van de dam is. Zo kunnen we de "levende have" van boer Klaas samenvoegen met zijn "dode have", dat laatste zijn tractor, ploeg, maaimachine enzovoort, tot "inboedel". En "inboedel" kan weer worden samengenomen met landerijen en huis tot "bezit", "waarbij het laatste weer vertaalbaar is in "geld" of "rijkdom", rechts in de versie van S.I. Hayakawa, de naamgever van het begrip in deze vorm (klik erop voor een vergroting).

Maar ook andere indelingen zijn mogelijk: het bezit van boer Klaas maakt deel uit van het "agrarische sector" van het dorp, het dorp maakt deel uit van de streek, de streek van het land enzovoort. Het hek is dus niet alleen van de dam wat betreft de hoogte van de abstracties die men kan maken, maar ook wat betreft de breedte.

In principe houdt het kunnen maken van verzamelingen nergens op - het heelal is groot genoeg. Maar het is redelijk duidelijk dat de nuttigheidswaarde van verzamelingen wel redelijk snel afneemt - abstracter dan "geld" lijkt weinig nuttig, en ook qua breedte zijn er beperkingen: koeien samen nemen met schilmesjes kán, maar lijkt weinig zinvol.

Dit is het model zoals ontwikkeld binnen de algemene semantiek, als beschrijving van wat er binnen het verschijnsel "taal" gebeurt. Het gaat nu uitgebreid worden. Eerst wordt Hayakawa's versie van de abstractieladder gegeneraliseerd door de relaties te laten staan maar de specifieke termen weg te laten. Dat geeft de figuur rechts. De werkelijkheid, wat was koeien, paarden, tractoren enzovoort staat hier aan de onderkant, en het meest abstracte, wat was "geld" of "rijkdom", aan de top.
    Maar deze oriëntatie is tegengesteld aan die in de eerste figuur, waarin de werkelijkheid, de wereld, bovenaan staat, en de beelden daarvan, de abstracties, in het mensehoofd eronder.

Die laatste oriëntatie lijkt het meest intuïtief, dus laten we het schema omkeren, leidende tot een nieuwe versie, zie rechts. Deze versie past ook beter bij een andere intuïtieve notie van het abstractieproces, namelijk dat het fungeert als een soort van filter of zeef. Als eerste herkent men "Bessie!" onmiddellijk aan haar uiterlijk, direct gevolgd door haar zijn van een koe. En wat later (misschien) dat ze ook deel uitmaakt van de boerderij. En nog verderop mogelijk ook nog dat ze welvaart vertegenwoordigt voor boer Klaas.


Even teruggaande naar de eerste illustratie, is datgene dat in het schema gebeurt aldaar vertegenwoordigd door het paar (gestileerde) ogen in het midden. Waarmee tevens de eerste stap richting neurologie is gezet, want in het oog worden inderdaad de eerste abstracties gemaakt. Wat het oog ontvangt als een patroon van lichtpunten wordt eerst omgezet in contouren, vlakken,enzovoort. Dit wordt gedaan in het netvlies, wat in feite een neuraal netwerk is: lagen neuronen afgewisseld met lagen van verbindingen tussen de neuronen, zie rechts. Het netvlies is daarbij een relatief simpel netwerk, met drie neuronlagen.
    De uitkomsten van het netvlies worden via de oogzenuw verzonden naar eerst het bovenste deel van de hersenstam, waar eerst andere informatie als de stand van het hoofd erin wordt verwerkt. Dan gaan de signalen verder het brein in, waar uiteindelijk het beeld van de werkelijkheid wordt heropgebouwd. Maar hierin zitten dus al allerlei vormen van interpretatie, zoals het feit dat signalen van beweging sneller worden doorgegeven en verwerkt dan stationaire.

Wat allemaal nog steeds slaat op beide helften van het brein zoals weergegeven in de eerste afbeelding, dus de volgende vragen zijn: is die tweedeling reëel, zo ja, waar zit hij en wat is het doel?

Dat die tweedeling reëel is, is iets dat bekend is, of bekend had moeten zijn, gedurende reeds een behoorlijk aantal decennia, naar aanleiding van het beroemde geval van "patient H.M."  uitleg of detail , iemand bij wie in verband met sterke epilepsie beide hippocampi, een onderdeel van de emotie-organen liggende tussen de hersenstam en cortex (zie rechts, groen), werden verwijderd. Hij verloor de capaciteit om nieuw abstract (zogenaamd "declaratief") geheugen te vormen, maar behield de capaciteiten om de normale dagelijkse dingen te doen, en zelfs bij te leren. Oftewel: er zijn twee systemen voor verwerking van waarnemingen en ervaringen, en het abstracte deel verloopt via de hippocampus.

Dus hier is het bewijs van de tweedeling. En de vraag van het "Waar?" is er nu twee: "Waar zitten de hokjes en waar de weide?"

De eerste van de twee is de makkelijkere. Onderzoek gepubliceerd in 2013 uitleg of detail (een vervolg op het bekende Jennifer Aniston-neuron-onderzoek uitleg of detail ) laat zien dat dit letterlijk zo werkt: in de hippocampus worden zowel beelden als taal uitleg of detail herkend aan de hand van abstracte concepten in de waarneming en in het geheugen. In de hoger liggende cortex werd er met die concepten "gedacht" en "geredeneerd". Zoals de figuur rechts (een doorsnede "loodrecht op het papier" van de vorige) beter laat zien, geleidt de hippocampus de informatiestroom, komende van de hersenstam en gaande naar het midden van het brein, verder naar de windingen van de grote cortex aan de buitenkant, al analyserende en opbouwende. En, leert het geval van patient H.M.: uiteindelijk opslaand in het (declaratieve) geheugen.

Dat wat betreft de hokjes. Dan de andere vraag: waar ligt "de weide"? Daarop is geen antwoord in de standaardliteratuur, maar de systeemanalyse gegeven hier uitleg of detail komt tot de conclusie dat dit moet liggen in de basale ganglia, zie rechts. Die basale ganglia zijn primitiever dan de hippocampus, liggen dichter bij de hersenstam, en zijn ook direct verbonden met het waarschuwingssysteem van het brein: de amygdala. Dit systeem staat voor het directe verwerken van de dagelijkse ervaringen, zonder verder geabstraheer. Zeg maar: "het meteen en intuïtief handelen".

Dus dit zijn de voorlopige antwoorden op de "Waar's?". Dan de "Hoe's?". Ook hier is de hokjes-variant het makkelijkst. Net als de retina is de hippocampus en de aanverwante structuren opgebouwd als een neuraal netwerk: vele lagen neuronen met lagen aan verbindingen ertussen. In de hippocampus zijn die lagen opgerold, lijkende op het uiterlijk van een zeepaardje, vandaar de naam. En er is dus eigenlijk weinig twijfel dat dit de plaats is waar de abstractieladders worden gevormd.

De "Hoe?"-vraag met betrekking tot de weide is een stuk lastiger - het werkt niet met analyse dus laat zich lastiger analyseren. Maar één ding hebben beide gemeen: het moet geleerd worden! Kijk maar hoe een kind opgroeid vanuit de positie van een hulpeloze baby.

 Die situatie kan ook gemodelleerd worden. In zijn illustratie van de abstractieladder gebruikte Hayakawa geometrische figuren om de verschillende onderdelen van de realiteit voor te stellen - een gebruikelijke methode. Wat er niet getoond wordt, is dat al omhoog gaande die onderdelen in groepen met gemeenschappelijke eigenschappen georganiseerd worden. Dit wordt gedaan in de afbeelding rechts, tevens een link naar een grotere en interactieve versie van dit model.
    Wat dit onmiddellijk laat zien is iets dat moeilijk ingebouwd kan worden in natuurlijke modellen: zelfs de allereerste groeperingen zijn geen voor de hand liggende keuze. Het is a priori moeilijk onderscheid te maken tussen ordening naar kleur (onderin) of ordening naar aantal hoeken (bovenin).
    Het blijkt wel in het vervolg: bij ordening naar kleur houdt het verdere ordenen snel op - bij ordening naar aantal hoeken kan je nog een tijdje doorgaan met soortgelijke geometrische eigenschappen. Tot je uitkomt bij een enkel punt.
    En dan is het wel duidelijk wat je in de praktijk moet kiezen, want hoe "hoger" de patronen die je ziet in je omgeving, des te beter kan je voorspellen oftewel voouitzien, en des te beter ben je in staat te overleven.

Waarmee meteen ook antwoord gegeven is op de laatste vragen: de "Waarom's?"

Maar terug naar de "Hoe's?": hoe leer je dit?

Er zijn ongetwijfeld meerdere antwoorden op die vraag, maar één daarvan is deze: door dingen of gedragingen die werken te stimuleren (eentueel startende met willekeurige pogingen - denk weer aan die baby) , en dingen of gedragingen die slecht werken te vermijden. Nu weet iedereen die ook maar de geringste kennis van de neurologie heeft, hoe het brein gedrag stimuleert: door de afgifte van de neurotransmitter dopamine. Dit gaat zo ver dat er goede argumenten zijn voor de stelling: "Iedere verslaving is in feite een verslaving aan dopamine".
    Dus als iets gebleken is te werken, zoals "Rode bessen -> meer suiker = meer energie -> dopamine", dan zal als de volgende keer zich een keuze voordoet, het alternatief met rood fruit geassocieerd zijn met de afgifte van dopamine. En het eten van rood fruit worden herhaald. Daar is dopamine voor: binnenkrijgen van voldoende energie.
    Opmerkelijk genoeg wordt in dit soort verhalen de gespiegelde situatie, het vermijden van "foutieve" (zeg: giftige)  dingen, altijd vergeten. Wat zo ver gaat, dat de ermee te associëren neurotransmitter als zodanig nooit benoemd wordt. Het is vrijwel zeker (gebaseerd op locatie van de bron en dergelijke) acetylcholine.

Zoals gezegd, slaat dit op zowel het hokjes- als het weide-aspect van het brein. En in dit geval is de weide het makkelijkere voorbeeld, omdat de substructuren ervan makkelijker anatomisch te onderscheiden zijn. In het schema rechts zijn die substructuren de hokjes (GP is globus pallidus, intern en extern; Amy is amygdala; NAcc is nucleus accumbens), de informatie- (of besturings-) paden aangegeven met rode pijlen, en de modulerende dopamine- en actylcholine-paden met magenta en cyaan.
    Merk op: zowel dopamine als acetylcholine worden gesynthetiseerd in de hersenstam, tonende hun fundamentele rol. Dus waar mensen dopamine met "plezier" associëren, is het even geldig om, zeg, krokodillen "plezier" toe te kennen, omdat krokodillen ook al overeenkomstige neurologische structuren en neurotransmitters hebben. Om het technisch te formuleren: dopamine en zijn broertjes zijn vermoedelijk niets meer dan "terugkoppelsignalen", in het voor deze termen meer gebruikelijke Engels: "feedback signals". En er is een even goede kans dat dit ook geldt voor de ermee geassocieerde emoties.

Op welk punt, het leren voorlopig afgedaan hebbende, we weer terug kunnen naar de allereerste illustratie. Het brein-gedeelte daarvan zag er in zijn origineel uit als onderstaand (op vele plaatsen op het internet; auteur onbekend):

De gelijkmatige verdeling van hokjes lijkt echter veel meer een voorstelling van het nog "ongeprogrammeerde" kinderbrein. Het "leren" bestaat uit het ontwikkelen van een hiërachie in de hokjes: welke is belangrijk en welke niet. Hetgeen zo goed mogelijk is vertaald in onderstaande versie:

Als eerste is het aantal hokjes afnemend en groter wordend gemaakt, corresponderend met de abstractieladder. Ten tweede, om de waarde aan te geven, is de wereld van de abstracties getild een stukje boven die van de werkelijkheid, en als derde zijn ze verder weg gaand ook omhoog gaand gemaakt (zo goed mogelijk).

Dit (voorlopig) voor zover beschrijving van de abstactieladder volgende de aanzetten van Korzybski en Hayakawa. Korzybski heeft veel van zijn plannen om een neurologische basis aan zijn algemene semantiek te geven zien uitkomen, dankzij de huidige veel grotere kennis van die neurologie.
    Tegelijkertijd is het model van Hayakawa van veel meer detail is voorzien, bijdragende aan de beschrijvende waarde ervan, hoewel het didactische effectiviteit ("Houd zaken zo simpel mogelijk") misschien is afgenomen.
    Een ander ding dat Korzybski en Hayakawa delen is de drijfveer om door verbetering van de beschrijving van de werking van taal de "condition humaine" of de menselijke beschaving te verbeteren. Dat wil zeggen: het foute gebruik en misbruik van taal en het achterliggende denken te verbeteren.

Een deel van die problemen is helaas al ingebouwd in het model, oftewel de werking van het brein zoals beschreven. Problemen die in feite al genoemd zijn, en samengevat kunnen worden in dat ene woord: dopamine. Al gesteld: zeer veel en mogelijk alle verslavingen zijn in feite verslavingen aan dopamine. En dat kan met zeer goede reden worden omgekeerd: ieder proces dat de opwekking van dopamine inhoudt, is vatbaar voor verslaving (wat oorbeelden

Er is vermoedelijk naast dopamine maar één enkel ding nodig voor het daadwerkelijk optreden van verslaving: terugkoppeling of cirkelproces, zie hier uitleg of detail . En wel positieve terugkoppeling, en valt ook te leren uit de beschrijving van het proces, het hoeft maar een klein beetje te zijn want het proces is zelfversterkend. Wat je ook kan zien als een steeds sneller doorlopen van de cirkel, iets dat vanwege de mechanische variant ervan vaak voorgesteld wordt met een inwaards draaiende cirkel oftewel spiraal, zie de afbeelding.

Die terugkoppeling is in feite al geïntroduceerd in het model, en wel op het moment, na geconstateerd te hebben dat het abstractieproces een soort van filter is, dat het abstractieproces ook geleerd moet worden. Want dan bepaalt de input de werking van het filter, en het filter bepaalt wat er gebeurt met de input. Dat hoeft geen probleem te zijn - al gezien het geval van de rode bessen en de dopamine. Maar neem nu het geval dat iemand iets waarneemt met vleugels op de rug en een aureool boven het hoofd. Dat is mooi en maakt dopamine bij hem/haar vrij. Als hij daarvan melding doet aan soortgenoten, zullen die deze daarom bewonderen. Die bewondering maakt extra dopamine vrij in zijn brein, zodat het individu extra gestimuleerd wordt tot nog meer waarnemen van wezens met vleugels en een aureool. Of dat andere individuen dat gaan doen. Enzovoort, want daar is een cirkelproces - een terugkoppeling. De daadwerkelijkheid van de waarneming is vanaf dat punt van geen invloed op het proces want het stimuleert zichzelf.

Dat is dus ook wat er kan gebeuren met het vinden van abstracties. Het vinden van hogere abstracties maakt dopamine vrij. Anderen bewonderen je om het vinden van die hogere abstracties. Enzovoort.

Hayakawa besteedt een aardig deel van zijn boek uitleg of detail aan de gevolgen van dit proces. Met het gebruik van kleurrijke beschrijvende namen als "chasing each other in verbal circles" uitleg of detail en "dead level abstracting" uitleg of detail . Merk op dat in Hayakawa's versie van de abstractieladder de terugkoppeling ontbreekt die er in Korzybski's oorspronkelijke versie wel zat en hier essentieel is gebleken.

In diezelfde context behandelt Hayakawa nog een andere zaak, namelijk die van zinloze woorden of abstracties, met voorbeelden (zeer voor de hand liggend) uit de filosofie - met name Martin Heidegger uitleg of detail , uitvinder van terminologie zoals "Het niets-nietigende niets" en titels als Das Wesen des Daseins uitleg of detail , vallende onder de beschrijvende term "words cut loose from their moorings" uitleg of detail (origineel van Wendell Johnson uitleg of detail ). Ook dat is al in het model inbesloten. Want de twee oriëntaties van de abstractieschema's boven zijn niet zomaar elkaars omgekeerde. Het echte omgekeerde van het eerste, naar Hayakawa geörienteerde, schema staat hier rechts.
    Meteen valt één ding op: de ongelijke hoogte van de werkelijkheidsniveaus. Staande natuurlijk voor de vertekening van de werkelijkheid als je je laat leiden door top-down abstracties.
    En nummer twee, minder opvallend tenzij aangegeven: midden in het schema zijn er ineens niveaus die geen koppeling naar boven hebben, oftewel geen binding met de werkelijkheid.

Dat is dus de samenvattende plaats voor de betekenisloze woorden van de filosofen en alle andere verbale rotzooi die de menselijke geest produceert of kan produceren. Natuurlijk ook van de fantasie, maar die fantasie is vooral nuttig voor het leren herkennen en omgaan met die verbale rotzooi - merk op: de best formulerende schrijvers zijn veelal ook de beste leugenaars. De hoeveeheid van die rotzooi kan afgeleid worden uit alleen al het aantal retorische trucs  en dat van door retorische trucs vervalste woorden  .
    Tevens zichtbaar is het effect van datgene wat in Hayakawa, naar Karl Popper uitleg of detail , beschreven wordt als de "The open and closed mind" ( uitleg of detail , chapter 14), welk laatste deel al te veel woorden is voor "ideologie": het belangrijker vinden van abstracties dan de werkelijkheid. Waarvan dat geval van "Met vleugels en een aureool" natuurlijk ook al een voorbeeld was. Hier rechts staat geïllustreerd wat er gebeurt als je een absolute opvatting hebt omtrent een abstractie, bijvoorbeeld "Alle Culturen zijn Gelijk(waardig)" (dat wil zeggen: inclusief die van de nazi's en neandertalers) oftewel "Ongelijk(waardig)e culturen bestaan niet": delen van de werkelijkheid verdwijnen uit zicht en wel groter naarmate de ideologie basaler is.

Dit zijn twee specifieke voorbeelden van suboptimale vormen van herkenning van de werkelijkheid, zoals vastgelegd in de hippocampus. Patronen die leiden tot een suboptimaal beeld van de werkelijkheid in het brein.
    Dat kan natuurlijk in alle mogelijke gradaties, waarbij het duidelijk is dat naarmate de afwijkingen plaatsvinden op hogere niveaus van abstractie, de suboptimaliteit oftewel de afwijkingen van de werkelijkheid ernstiger zullen zijn. Met de allergste afwijkingen bij de allerhoogste abstracties - dat soort afwijkingen staan bekend als "geestesafwijkingen" of "geestelijke storingen". De klassieke voorbeelden daarvan zijn natuurlijk "religie"  , en wat algemener: "ideologie"  .

Geprobeerd is een deel van deze problemen ook te verwerken in het aangepaste plaatje van het binnenste van het brein (herhaling):

Te zien is:
-  de hogere abstracties dat wil zeggen grotere hokjes zijn verder weg van de realiteit.
-  de "personen" die de concepten bedienen, hebben (nog steeds) hun hoofd afgewend van de werkelijkheid.
- de weg naar de abstracties is drukker dan die terug naar de werkelijkheid.

De belangrijkste les uit dit alles is natuurlijk deze: als denken of redenaties of argumenten met abstracties ergens toe moeten leiden, zorg er dan altijd voor dat de uitkomst ervan iets zegt over de werkelijkheid. De buitenwereld. De trappen van de ladder weer af. De cirkel weer uit, zie rechts. Die stap doorbreekt de cirkels leidende tot verslavingen aan abstracties.

Dat klink heel simpel, maar het aantal gevallen dat er aan voldaan is, buiten de wereld van de natuurwetenschappen uitleg of detail , ligt op geen ander gebied van de maatschappij boven de 20 procent, en zodra er ideologie om de hoek komt kijken uitleg of detail , of retorische trucs  of andere vormen van taalvervalsing worden gebruikt, nadert dat percentage razendsnel naar nul  .


Het is niet moeilijk dit door te trekken naar diverse langlopende menselijke neigingen, wat deels al gedaan want je hebt toch voorbeelden nodig. Alsnog: als het zoeken van hogere abstracties, met de potentie van beter functioneren, uit de hand loopt in de richting van het zoeken van steeds hogere abstracties zonder einde, kom je al snel op de allerhoogste abstractie: daar waar er nog maar één niveau bestaat. Dat zijn we al even tegengekomen: dat heet "religie", en is een erkend verslavend en besmettelijk verschijnsel. En ongetwijfeld net zo schadelijk uitleg of detail . Met een variant op een oudere versie: "Religie is de abstractie-dopamine van het volk". En zo kom je ook op een nieuwe variant: "Politieke-correctheid is de abstractie-dopamine van de elite". Of meer in het algemeen: "Ideologie is de abstractie-dopamine van de mens". En merk op dat de bovenste/onderste sport van de specifieke boerderij-abstractieladder ook zijn verslavingsvariant kent en wel een heel bekende: de geldverslaving.
    Voor verdere uitwerking van het proces van verslaving en de connectie met neurologie, zie hier uitleg of detail .

Tot slot, even verder gaand dan de abstractielader op zich: dit alles wijst op een vrij fundamentele tweedeling in de hersenen waarin de hokjes aan de linkerkant een voorstelling zijn van het in hokjes indelende analytische denken van de mens.. De rechterkant kan dan voor diverse dingen staan: naast het al genoemde "dagelijkse routines", komt daar dan ook dingen als het meer "in het geheel" of holistische evalueren of denken - of "gezond verstand". En fantasie, creativiteit, en dergelijke.
 
De effecten van van deze tweedeling zijn op deze website al uitvoerig beschreven onder de noemer "Alfa- versus bèta-denken" uitleg of detail . Hier al geconsteeerd hebbende dat de alfa's degenen zijn met de grootste problemen met de werkelijkheid. Helaas ook zo'n 80 procent van de bevolking uitmakende, hetgeen voornamelijk één ding betekent: de keiharde noodzaak voor opvoeding en training in de al door Korzybski en Hayakawa geïntroduceerde concepten. Wie er iets voor voelt om daar wat aan te ondernemen, kijk ook eens hier uitleg of detail . En de rest van deze website. Ernstigere gevallen hebben mogekijk iest aan de van de algemene semantiek afgeleide cognitieve therapie uitleg of detail , en ook neurolinguistisch programmeren of NLP uitleg of detail gebruikt concepten afkomstig uit deze hoek.


Naar Alg. semantiek, inleiding  , of site home  .

 

6 okt.2016; 10 okt.2016; 20 okt.2016; 28 sep.2017; 6 okt.2017; 23 dec.2017